Oke ik heb de uitdaging van Jacobjones aangenomen, maar wat was dit een harde dobber, ik heb het mij zelf ook veel te moeilijk gemaakt geloof ik. Ook kwam ik onder het schrijven soms er achter dat ik iets belangrijks vergeten was waardoor mijn verhaal niet klopte. Ik had het bijna op gegeven, maar ben stug door gegaan. Ik verontschuldig mij voor het boekwerk dat het is geworden en hoop dat het te begrijpen is!

Jacobjones.. Bedankt voor de uitdaging en de kleine aanpassing. Dit was moeilijk!
Als het goed is klopt alles, maar ik heb het zo vaak gelezen dat ik niet meer weet wat boven en onder is. Bloed, zweet en tranen haha
Voor mensen die nu niet begrijpen waar dit over gaat, lees hier de uitdaging van Jacobjones: http://www.xead.nl/nieuwe-uitdaging-op-xead-wie-schrijft-het-slot--de-locomotief


Langzaam draaide Tom om zijn as. Probeerde door de dikke mist heen te turen. Hij kon niets zien en geen enkel geluid drong door de mist heen. Tom die niet bijgelovig was probeerde een logische verklaring te vinden. Hij zocht in zijn zakken naar zijn mobiele telefoon maar hij had ineens geen batterij meer. Vastberaden zette hij een stok in de grond om niet te verdwalen en liep tien stappen terug, daarna zette hij zijn handen aan zijn mond om naar Marcel te roepen. Toen hij niets vond en geen antwoord kreeg liep hij de zelfde tien stappen weer terug naar het begin punt en herhaalde dit in alle wind richtingen.
Het enige wat hij tegen kwam was een rotsblok en een dorre boom.

Langzaam maar zeker kreeg Tom flink de kriebels.. Wat was hier aan de hand? Hij leek wel alleen op de wereld te zijn. Langzaam gingen alle verhalen over andere dimensies door zijn hoofd die hij in zijn gehele loopbaan had gehoord, over een mysterieuze plek waar de rails over een heuvel gaat waar alles eens in de 20 jaar op een bepaald tijdstip zomaar verdween, niemand zag of hoorde er ooit nog iets van. Veel mensen deden dit af als een mythe, zo ook Tom en zijn collega’s. Maar waarom zou hij dat geloven?
Ze zaten hier net tien kilometer van Leuven af, niet in de bermuda driehoek!
Hij ging op een rotsblok zitten en stak een sigaret aan die hij met diepe teugen inhaleerde, zijn hersenen kraakte terwijl hij alle mogelijkheden naging. Een klein stemmetje achter in zijn hoofd zei dat als ze niet zoveel vertraging hadden opgelopen, ze ook niet op dit tijdstip dor de mist gereden waren..
Langzaam liep Tom nogmaals alle richtingen op, maar deze kee rmet tien stappen extra. Maar helaas ook dit keer zonder resultaat!Boos nam hij een laatste trek van zijn sigaret en schoot hem tussen zijn vingers de mist in.
Met zijn ogen volgde hij automatisch het gloeiende puntje dat door de mist vloog.
Midden in de lucht verdween het puntje ineens!
Maar niet doordat het zicht zo slecht was.
De sigaret was verdwenen!

Voetje voor voetje schuifelde Tom richting de plek waar hij dacht dat de sigaret verdwenen was, behoedzaam zijn handen vooruitstekend in het niets. Zijn hart begon te bonzen en kippenvel stond op zijn huid. Voetje voor voetje bleef Tom doorlopen en.. Doorlopen..
Hij vond geen sigaret!
Alles bleef het zelfde, hij stond nog steeds in de mist in het niets! Hij zocht een hand met kiezelstenen bij elkaar en gooide ze één voor één alle kanten op. Zijn mond zakte open toen ze allemaal stuk voor stuk in de lucht verdwenen. Geen enkele kiezel kwam op de grond terecht.
“Wel allemachtig!” brulde hij.  “Ik ben toch zeker niet gek!” Met een rood aangelopen hoofd stampte hij richting de plek waar de laatste kiezel in de lucht was verdwenen. Tom liep rondjes tot hij er zeker van was dat hij elke meter had onderzocht. Wanhopig liep hij terug naar de steen waar hij eerder had gezeten en ging met een zucht zitten.
Dit ging zijn verstand te boven.
Nogmaals zette hij het op een schreeuwen, hopend dat iemand hem zou horen.

“Halloooooo is daar iemand? Waar is iedereeeeen?” Maar na een paar minuten gaf hij het met een diepe zucht op.
Hij tuurde of hij de maan en de sterren kon vinden, of misschien zelfs de zon, hij had geen idee hoe laat het nu moest zijn en hoelang hij al verdwaald was. De trein zou vast en zeker zonder hem zijn verder gereden. Hij hoopte maar dat Marcel door had gehad dat hij er niet was. Anders zat hij helemaal met de gebakken peren. Plots toen hij goed keek, leek het wel of de mist alleen tot een zekere hoogte boven de grond hing, dat het een stuk boven zijn hoofd meer helder werd.
Tom klom op de gladde steen en ging op zijn tenen staan, hij probeerde boven de mist uit te turen.
“Oh!, ik zie de top van de trein, ik zie de top van de trein!”
Vlug sprong hij naar beneden en viel bijna plat op zijn gezicht, hij begon te rennen om na een aantal stappen abrupt tot stilstand te komen, dit kon toch niet waar zijn, de trein was weer verdwenen!
Hij sprintte weer terug naar de steen en balanceerde op zijn tenen om weer boven de mist uit te kijken.
En ja hoor!
Daar was de bovenkant van de trein weer.. Langzaam drong er iets tot hem door dat zijn verstand ver te boven ging. Struikelend op zoek naar nog meer steentjes klom hij met een handvol weer op het rotsblok.



Hij gooide het steentje de lucht in, boven de mist uit en zag het zomaar verdwijnen, hij zag het echt al geloofde hij zijn ogen niet.
Nu gooide hij hem onder de mist en het steentje stuiterde na zijn vlucht door de lucht gewoon tegen de grond en bleef daarna liggen op de plek waar hij terecht kwam.
Nu gooide Tom de hele hand vol met kiezels over de mist heen en zag ze allemaal in de leegte verdwijnen! Hij zou bijna zweren dat hij de trein nu moest raken.
“Ik moet ook over de mist heen, maar hoe?”
De radertjes in zijn hoofd werkte op volle toeren.
Al zou hij over de mist heen komen, wat betekende dat dan?
Was hij nu in de “echte” wereld of niet, of was de trein dat. Tom raakte geheel gedesoriënteerd en had het gevoel dat hij droomde.
Wat als hij nu eens..

Vlug liep Tom de tien stappen in alle richtingen tot hij bij de boom kwam.
Zonder verder na te denken over wat hij nu ging doen, greep hij de onderste tak vast en begon te klimmen, halverwege de boom zag hij een geschikte dikke tak en kroop er overheen tot hij langzaam en voorzichtig, zich balancerend aan zijtakken vasthoudend, kon gaan staan.
Hij kneep zijn ogen dicht en.. Sprong!

Met een harde klap belande hij op de grond en bleef verdwaasd liggen, langzaam deed hij zijn ogen open maar kon door het verblindende licht niks zien, knipperend probeerde hij zijn blik op scherp te zetten. Zon..?
Zon..? En stemmen..?
“Tom, Tom waar kwam jij nou opeens vandaan gevlogen? Hey maatje alles goed met je?”
Was dat de stem van Marcel?
Er werd hem iets tegen de lippen aangehouden zodat hij kon drinken en langzaam ontwaarde Tom de gezichten om hem heen. Als eerste zag hij een bezorgde Marcel en hier en daar herkende hij een paar gezichten van passagiers waarmee hij had gesproken voor ze vertrokken en alles mis was gegaan.
“Oh!” met een ruk ging hij overeind zitten. “Ik weet het, ik weet het!” Riep hij. “Jullie moeten allemaal op het dak van de trein gaan staan en dan de lucht in springen!” Het enige wat hier op volgde waren een stel niet begrijpende gezichten.
“Tom, Tom rustig aan.” Zei Marcel die hem bij zijn schouder pakte. “Ik moet je wat vertellen.”
Tom keek hem aan en voelde dat hier iets ging komen wat hij niet leuk zou vinden.
Marcel legde hem uit dat hij al zoveel verhalen had gehoord over verdwijningen door de eeuwen heen dat hij het nu zelf een wilde onderzoeken. Dus had hij de noodrem op het punt gebruikt waar hij dacht dat het verdwijnpunt moest zijn, vlug had hij de locomotief afgekoppeld en de heuvel verder laten afrijden.
Toen de locomotief tot stilstand was gekomen waren ze inderdaad in een andere dimensie geweest, het was geen nacht en zon scheen hier en de kleuren waren zoveel mooier. Maar alle passagiers waren erg kwaad op hem en hadden hem bijna wat aangedaan. Er was verder niets te doen en iedereen was bang dat ze hier zouden sterven want ze waren alleen oude trein karkassen tegen gekomen met daarin en omheen de skeletten van overleden mensen.
Marcel vertelde hem dat er waarschijnlijk nog een dimensie toegankelijk was op dat punt en dat Tom in een andere was gekomen toen hij van de trein af sprong.


Tom kon zijn oren niet geloven, hij kon eigenlijk niks geloven van wat hij vannacht had meegemaakt.
Bruusk stond hij op en duwde Marcel van zich af. “Dit geintje had je niet alleen kunnen doen, jij dwaas? Had je daar de hele trein voor nodig en alle mensen..!”
“Het.. Het kon alleen met voldoende energie en daar had ik mensen voor nodig en de snelheid van de trein en je komt er alleen in vanaf bepaalde hoogte..” Zijn stemgeluid vervaagde aan het einde van de zin en hij zag er uit of hij het liefst hard wilde weg rennen.
“Met jou reken ik later wel af.” Grauwde Tom. “Mensen, ik verklaar het allemaal later wel aan jullie, maar willen jullie alstublieft mij op mijn woord geloven dat ik weet hier we hier wegkomen? Misschien niet zonder kleerscheuren maar we moeten nu het dak van de trein op.” Er klonk verbaasd gemompel om hem heen maar mensen liepen in groepjes terug naar de trein en klommen via de noodtrap naar het dak.

Iedereen wilde graag naar zijn familie terug.
Toen Tom hun vertelde dat ze van de trein moesten springen om thuis te komen wilde niemand dat doen, allemaal waren ze te bang om eerst te gaan.
Marcel besloot hier dat het aan hem was dit op te lossen en was bereid om zijn benen te breken als dat moest..
Hij nam een aanloop, zette af en sprong….
Toen Marcel in de lucht verdween, volgde al snel de rest van de groep.

Die zelfde avond, vanuit zijn luie stoel zag Tom op het journaal met eigen ogen Marcel uit de lucht komen vallen, gevolgd door de rest van de groep, waar hulpverleners zich over ontfermden die daar de omgeving aan het uitkammen waren geweest.
De nationale televisie was ook aanwezig en had een wereld primeur te pakken gehad door Marcel en de rest op beeld vast te leggen terwijl ze uit een andere dimensie kwamen.
Marcel was aangeklaagd voor diefstal en ontvoering.
De zaak was nog in behandeling en zou afhangen van het aantal aangiftes dat binnen zouden komen.
Bij Tom had de hele dag de telefoon roodgloeiend gestaan totdat hij de stekker eruit getrokken had..
Nu genoot hij van de stilte en een lekker biertje en probeerde zichzelf wijs te maken dat het allemaal een droom was..
 

Voila..
 

7
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+0 -0- x

jacobjones schreef op 03 Aug 2011 om 23:01

Goed gedaan!

+0 -0- x

Kirsti schreef op 03 Aug 2011 om 23:03

voila haha, geweldig mooi geschreven met heel veel fantasie!

+0 -0- x

Lily schreef op 03 Aug 2011 om 23:13

Dit was moeilijk! en het werd veel ingewikkelder dan ik zelf van plan was!

+0 -0- x

Kirsti schreef op 03 Aug 2011 om 23:49

Ik vind het heel knap wat je hier hebt neergezet!

+0 -0- x

verbijsterend62 schreef op 04 Aug 2011 om 07:11

heel erg goed gedaan, heel creatief en fantasievol, dikke duim!

+0 -0- x

spiritlady schreef op 04 Aug 2011 om 08:43

prachtig gedaan, mijn complimenten

+0 -0- x

interjos schreef op 04 Aug 2011 om 20:18

Goed geschreven leuk artikel !

+0 -0- x

Ruud schreef op 04 Aug 2011 om 21:05

Jeee wat mooi. Hier kom je niet meer overheen!

+0 -0- x

cc schreef op 04 Aug 2011 om 21:46

helemaal met Ruud eens

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: