Mensen met een Syndroom van down, naar mijn mening heerlijke mensen. Mensen die zich niets aantrekken van het buitenleven, mensen die gewoon zichzelf zijn en zich niet laten beinvloeden. Toch kijken mensen er raar van op wanneer er iemand met het syndroom van down langs loopt..

Syndroom van down.

- Wat is het syndroom van down en wat is de oorzaak?

Dit is een aangeboren afwijking die samengaat met een verstandelijke beperking.
Het syndroom van down word ook wel trisomie 21 genoemd, dit komt omdat het syndroom van down veroorzaakt word door een genetische afwijking. Een baby met dit syndroom heeft namelijk drie chromosomen in plaats van twee op het chromosomenpaar nummer 21. Iemand met het syndroom van down heeft dus in elk lichaamsdeel 47 chromosomen in plaats van 46. Chromosomen zijn dragers van erfelijke eigenschappen. Normaal krijgt een baby 2maal 23 chromosomen, dus 46. De oorzaak van de chromosomale afwijking zit hem er dus in, dat er toevallig een optredende fout bij de celdeling van een eicel of een zaadcel opdoet, voor de bevruchting.

Naast trisomie 21, zijn er nog 2 vormen van het syndroom van down. Het gaat hier om translocatie trisomie 21 en om mozaïek trisomie 21.
- Translocatie trisomie 21:
Hier van is de oorzaak dat 1 van de 3 chromosomen 21, zich heeft gehecht aan een ander chromosoom. Voornamelijk aan nummer: 13, 14, 21, 22.
- Mozaïek trisomie 21:
Hierbij is de oorzaak, dat er chromosomen zijn met 46, maar dat er ook chromosomen zijn met 47.

- Wat voor gevolgen geeft het syndroom van down, en wat zijn de kenmerken.

Bij iemand die het syndroom van down heeft is er altijd sprake van een verstandelijke beperking. Iemand met het syndroom van down, heeft altijd bepaalde uiterlijke en sociale kenmerken:
- Relatief klein hoofd, vlak gezicht en een kort neusje.
- De ogen staan schuin omhoog.
- Kleine onderkaak, de tong lijkt heel groot en is vaak buiten de mond zichtbaar.
- Korte en vrij brede nek.
- Korte armen en benen in verhouding met de romp.
- Korte brede handen, pink is tekort.
- Voeten zijn breed en tenen zijn vrij kort.
- Afwijkend handlijnenpatroon, dwarslopend vanaf de duimkant naar de pinkzijde.
- Lage spiertonus en een overstrekbaarheid van gewrichten.
- Gaat vaak gepaard met hartgebrek/ soms ook ernstige darmproblemen.
- Gevoelig voor sfeer.
- Sociaal ingestelde grondhouding.
- Over het algemeen een vriendelijk karakter.
- Snelle stemmingswijzigingen.
- Soms een opvallende dwangmatigheid in handelen en/of gewoontes.

- Behandelwijzen en therapieën:
Het syndroom van down is niet te genezen.
Medisch onderzoek en deskundige medische en psychosociale begeleiding zijn heel belangrijk.
Hiervoor zijn multidisciplinaire Down syndroom teams opgericht, dit bestaat uit meerdere specialisten, die veel ervaring hebben met de zorg en de begeleiding van kinderen met Down syndroom. De DS-teams bestaan uit medici van verschillende specialismen, zoals een kinderarts, een oogarts, een voedingsdeskundige, een tandarts, een kindercardioloog, een gynaecoloog, een logopedist, een fysiotherapeut en een orthopedagoog.
Wat is de taak van iedereen in het DS-team:
- De kinderarts coördineert het DS-team. Zij zorgen voor het onderzoeken van het kind en verwijzen het kind evt. door naar een andere discipline.
- Iemand met het syndroom heeft vaak een nauwe gehoorgang, hierdoor krijgen ze sneller oorontsteking. Een KNO-arts screent hierop en let ook op de ademhaling onder het slapen.
- Een oogarts spoort vroegtijdige oog afwijkingen op.
- Kinderen met het syndroom van Down hebben een lagere spierspanning en slappere banden om de gewrichten. Ze raken niet graag uit balans en bewegen dus het liefst binnen hun steunvlak. Bovendien hebben ze meer tijd nodig om zich een bepaalde vaardigheid eigen te maken. De kinderfysiotherapeut onderzoekt hoe het kind de basisvaardigheden zoals rollen, zitten, kruipen en lopen beheerst en hoe het kind van de ene houding naar de andere gaat.
- Kinderen met het syndroom van Down hebben een slappe mondmotoriek en hebben een vertraagde, afwijkende taal/spraakontwikkeling. De logopedist controleert de mondmotoriek, het eten en drinken en de communicatie van het kind.
- De thuiszorg valt hier ook nog onder, zij begeleiden het gezin thuis, tijdens het opvoeden van het kind.

- Hoe begeleid je iemand met het syndroom van down.
Het hangt af van het ontwikkelingsniveau, of in hoe zo’n erge mate er een verstandelijke beperking aanwezig is, hoe je iemand begeleid. Je past hier je begeleiding op aan. Bij iemand met het syndroom van down en een ernstige verstandelijke beperking moet er bijna overal mee geholpen worden en ook moeten ze goed gestimuleerd worden om datgene voor elkaar te krijgen. Je moet hun ontwikkeling in goede banen proberen te leiden. Dus alles moet veel en vaak geoefend worden om ze later zo zelfstanding mogelijk te laten leven. Je moet veel geduld hebben, ze doen alles in een vrij langzaam tempo. Dit wordt niet altijd geaccepteerd in onze maatschappij, hier is dus veel ondersteuning bij nodig.
Kinderen met een hoger niveau, kunnen soms zelfs “normaal”onderwijs volgen.
Ook hierbij geld, dat er de nodige aanpassingen nodig moeten zijn. Veel geduld en veel oefenen.

Early intervention.
Early intervention is een soort van behandelings/begeleidings methode voor ouders met een kind met het syndroom van down. Het is de bedoeling dat je als ouder met je kind opgeeft voor deze behandeling. Het doel van de behandeling is:
- Dat je meer zult gaan zien en meer zult genieten van je kind.
- Je zult het gevoel krijgen dat je je kind echt wat aan een probleem kunt doen en je kind hierbij kan helpen.
- Je zult mee werken aan de kwaliteit van je kind.

Methode van Lauteslager
Er is net een nieuwe methode ontwikkeld om te zorgen dat kinderen met Downsyndroom zich sneller gaan ontwikkelen.
Deze nieuwe ontwikkelde fysiotherapeutische behandeling zorgt voor een snellere en betere motorische ontwikkeling van jonge kinderen met het syndroom van Down.
Die methode is ontwikkeld door kinderfysiotherapeut Peter Lauteslager. Hij heeft de methode al toegepast en tot nu toe is alles positief gegaan.
Kinderen met het Syndroom van Down hebben moeite met het houden van evenwicht.
Ze kunnen zich moeilijk bewegen. De ontwikkeling van het spelen en het ontdekken van hun omgeving gaat moeilijker.
Lauteslager is gaan zoeken hoe dat kan gebeuren.
Hij heeft achttien kinderen, die nog thuis wonen, veertien maanden lang onderzocht, en zijn therapie op hen toegepast. Hij is er toen achter gekomen dat door de fysiotherapie de motorische ontwikkeling sneller gaat. Daarom heeft hij een test ontworpen, die zorgt dat het mogelijk kan worden, dat de ontwikkeling van het kind sneller gaat.
Er word nu nog steeds aan deze therapie gewerkt, de test word geprobeerd zo goed mogelijk te maken.

-Methode van Turkel
Sinds de jaren ’40 wordt de “U”-serie vaak voorgeschreven. Dat is een mengsel van 48 mineralen, vitaminen, enzymen en een deel van een dierlijk weefsel. Turkel, de uitvinder van de “U”-serie zegt dat het in het geval van het Syndroom van Down de structurele, functionele en chemische afwijkingen zullen verminderen

- Dolfijntherapie.
Dolfijn ondersteunde therapie is een bijzondere therapie voor bijzondere kinderen/jongeren met beperkingen en speciale behoeftes. Voor deze therapie worden de dolfijnen goed getraind. Er zijn ervaren therapeuten aanwezig, die met elkaar samenwerken. Dit zijn logopedisten, fysiotherapeuten, sociaal pedagogisch hulpverleners en psychologen. Er wordt een intensieve therapie aangeboden, deze wordt aangepast bij het kind zelf. Elk kind heeft een andere behandeling nodig. Hierbij wordt gebruik gemaakt van verschillende therapievormen, gecombineerd met de interactie van een dolfijn. De dolfijn is de motivator en de beloning voor het gewenste gedrag (lichamelijk, mentaal en emotioneel). Dolfijnen stimuleren kinderen om zich verder te ontwikkelen. Kinderen leren tot vier keer zo snel, wanneer ze therapie volgen die gecombineerd wordt met interactie met dolfijnen.


 

10
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+2 -0- x

Ben schreef op 20 Sep 2010 om 17:01

De kans dat je een kind krijgt met een afwijking groeit bij het beslissen om een kind te krijgen op latere leeftijd.

+1 -0- x

sweetmizzy schreef op 20 Sep 2010 om 18:40

Mijn dochter heeft het syndroom van West, dit is totaal iets anders als het syndroom van Down, toch komen de behandelmethoden erg overeen! Mijn dochter heeft dezelfde verstandelijke beperkingen en problemen als het gaat om het ontwikkelen van de motoriek. Ze is houterig en de fijne motoriek is zeer beperkt. Maar hoe vaak ze ook valt en hoe vaak ze ook tegenslagen moet verwerken, ze huilt nooit en is altijd, maar dan ook echt altijd vrolijk! Dat maakt kinderen met verstandelijke handicap vaak zo byzonder!

+0 -0- x

020Binjamin1946 schreef op 28 Apr 2011 om 16:19

Indrukwekkend. Zie mijn artikel: Mantelzorgers voor Sandra

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: