Je zou denken dat dit artikel over een wel heel vreemd gerecht gaat, maar niets is minder waar.
Pilaf, muisjes en winegums
Het was grijs en grauw weer buiten, en het was ook niet al te warm. Maar toch genoten mijn tweelingbroer en ik van de wandeling die wij samen door het park aan het maken waren. Nog eventjes een poosje samen wat lol maken voordat mijn broer de trein richting mijn vader zou nemen. Hij zou een behoorlijk tijdje wegblijven en ik wist dat ik hem behoorlijk zou missen. We speelden praktisch altijd samen en ik voelde mij altijd veilig bij hem.

De vogelvolière
We liepen over de wandelpaden richting de grote vogelvolière in het park. We waren over van alles aan het praten en ondertussen keek ik even in mijn knikkerzak. Ik had een lekkere warme knikkerzak waar mijn dwergpapegaaitje Pilaf lekker in warm bleef als het buiten koud was. Ik deed de knikkerzak open en zag Pilaf lekker tegen de drie zachte muisjes aan gekropen was. De drie muisjes die mijn broer en ik net hadden gekocht voor Pilaf zodat hij wat vriendjes had om mee te spelen.
Mijn broer en ik vonden het leuk om naar de vogels in de grote vogelvolière te kijken. We zochten de ingang van de volière op en stapten naar binnen. De volière bestond uit drie delen, en in het achterste deel huppelden ook wat kippen en konijntjes rond. Mijn tweelingbroer en ik wilden de konijntjes graag aaien. In het eerste deel van de volière was een man bezig de vogels aan het voeren. Tegelijkertijd keek hij naar ons. Ik vond hem een beetje eng, er gingen veel geruchten de rondte over deze man. Hij was oud en hij had en nogal streng gezicht en hij bleef maar naar ons kijken. Toen knikte hij ons alsof hij ons toestemming gaf om de konijntjes te aaien. Ik deed de knikkerzak even weer open en gaf Pilaf en zijn drie muisjes wat te eten. Toen stopte ik de knikkerzak meteen weer in mijn jaszak zodat ze geen kou zouden vatten.

Tijd om afscheid te nemen
Na een tijdje de konijntjes te hebben geknuffeld keek mijn broer op zijn horloge en hij zei dat het tijd was om te gaan. We liepen langs de oude man de volière uit, en beide zeiden we hem gedag. De oude man zei vriendelijk gedag terug. ‘Misschien is hij dan toch niet zo eng’ dacht ik bij mezelf.
Mijn broer en ik liepen het park uit richting het treinstation. Ik had er helemaal geen zin in om afscheid te namen van hem, ik zou hem enorm gaan missen. Inmiddels was het zelfs een beetje gaan regenen. Mijn broer kocht een treinkaartje bij het loket en samen liepen we het perron op. De trein stond er al. Ik gaf mijn broer een knuffel, en hij stapte in de trein. Hij ging achter het raampje zitten precies waar ik stond. Nadat we allebei het fluitje van de conducteur hoorden zwaaiden we allebei naar elkaar en de trein vertrok. Ik keek de trein een poosje na totdat hij achter de bomen verdween. Ik voelde me meteen alleen. Ik pakte Pilaf uit de knikkerzak en gaf hem een knuffel.
Ik liep weer richting het park. Ik wilde weer naar de volière omdat ik dacht dat de vogels en de konijntjes mij wel op zouden vrolijken. Ik stapte de volière binnen en liep helemaal naar het achterste deel om de konijntjes te knuffelen. Ik nam één van de konijntjes op mijn schoot, hij was heerlijk zacht. Toen keek ik op de klok en ik realiseerde me dat het tijd was om naar school te gaan. Ik liep richting de uitgang van de volière maar ineens stond die enge man vlak voor mij. Hij begon hard tegen mij te praten maar ik verstond er niets van. ‘Ik moet gaan’ zei ik. ‘Ik kom te laat op school’. Maar de man hield me bij mijn jas vast en bleef tegen mij praten. Ik rukte me los en liep hard weg. Ik keek nog één keer om en zag dat de man mij nakeek. Toen liep snel door richting het busstation.

Alleen naar school
Ik had helemaal geen zin om naar school te gaan. Ik voelde me niet prettig tussen mijn klasgenoten. Met mijn tweelingbroer was het veel leuker en veiliger. Ik stapte de bus in en ging bijna achterin zitten.
Eenmaal bij school aangekomen kwam ik erachter dat ik wat aan de late kant was. Ik liep meteen naar het klaslokaal. Gelukkig was de leraar zelf ook altijd wat laat en ik nu was hij nog niet aanwezig. We waren de meeste klasgenoten aanwezig. Ik keek in het rond en dacht bij mezelf dat ik de term ‘klasgenoten’ maar vreemd vond. ‘Ik had nog nooit van hun aanwezigheid ‘genoten’, dus waarom het woord ‘klasgenoten’. Ik noemde klasgenoten altijd liever ‘medeleerlingen’.
De leraar kwam binnen en zei meteen dat iedereen een computer moest opzoeken en deze moest opstarten. De computers zagen er maar raar uit. Ze waren bruin van kleur en ze leken meer op een stereo-installatie. Ik deed de computer aan die toevallig voor mij stond en wachtte op wat er nu zou komen. Maar toen ik zag dat de leraar het lokaal weer uit was, gelopen besloot ik Pilaf en zijn drie muisjes maar even een knuffel te geven. Ik haalde de knikkerzak uit mij jaszak en deed hem open. Toen zag ik dat er iets mis was. Pilaf en de muisjes bewogen niet meer. Ik haalde de muisjes er één voor één uit. Eerst voelden ze nog zacht maar meteen bleven ze wat aan mijn vingers plakken. Ik legde ze op mijn tafeltje en zag dat ze helemaal veranderd waren. Ze waren bijna doorzichtig en ze leken wel op winegums. Ik probeerde mezelf gerust te stellen door mezelf te zeggen dat Pilaf vast nog wel in orde zou zijn. Ik stak mijn hand weer in de knikkerzak en haalde Pilaf er met mijn ogen dicht uit. Ik durfde niet te kijken. Pilaf voelde nog heerlijk zacht dus ik was helemaal opgelucht. Maar toen realiseerde ik me dat hij helemaal niet bewoog. Ik deed mijn ogen open en legde hem voorzichtig naast de muisjes op mijn tafeltje. Ik keek naar mijn vriendje en langzaamaan zag ik zijn veertjes en de rest van zijn lichaampje veranderen in een plakkerige doorzichtige materie. Ik deed mijn ogen dicht om mezelf te vertellen dat dit niet echt gebeurde. Ik deed mijn ogen en keek weer naar Pilaf. Maar het was wel echt gebeurd. Pilaf was veranderd in een platte plakkerige winegum. Ik tikte Pilaf een aantal keer aan op zijn nu platte, koude buikje in de hoop dat er toch een reactie zou komen maar er kwam helemaal niets.
Shock
Helemaal in shock zat ik daar midden in de klas te kijken naar de platte plakkerige winegums die eerst mijn vriendjes waren. De rest van de klas had niets door, en ook de leraar die inmiddels weer het lokaal was binnengekomen had niets in de gaten. Opeens hoorde ik een zacht geluid dat niet thuishoorde in het klaslokaal. Ik keek het lokaal rond om te kijken waar het vandaan kwam. Het geluid werd harder en harder. Toen deed ik mijn ogen open en ik realiseerde me dat ik het allemaal gedroomd had en dat mijn Pilaf heerlijk zat te fluiten in de woonkamer.

Laat een reactie achter
Taco-Veldstra schreef op 09 Sep 2011 om 18:10
Je vertelt heel mooi, goed opgebouwd kan een vervolg op!
ikkiedikkie85 schreef op 09 Sep 2011 om 18:29
mooi verhaal en inderdaad het was gelukkig maar een droom. klasse gedaan.
vlindertje73 schreef op 09 Sep 2011 om 19:29
pfff dat was even schrikken, gelukkig maar een droom. Super goed geschreven! D
valentijn schreef op 10 Sep 2011 om 14:29
Mooi geschreven. Ik voelde de droom al een beetje aankomen..
Lid sinds 1 jaar
1036 reacties geplaatst
1034 artikelen beoordeeld
100 artikelen geschreven

Gerelateerde artikelen
Remrov beveelt aan
- De Xead-krant (Jaargang 1 - Nummer 17)
- De Xead-krant (Jaargang 1 - Nummer 16)
- Film recensie : The Green Mile
- Geboren in een verkeerd lichaam (transgender)
- Is het fijn om heel intelligent te zijn?
- Voor mijn moeder geen moederdagcadeau van mij
- De reden van mijn toch mindere aanwezigheid op Xead









Jack-Hage-Sr schreef op 09 Sep 2011 om 16:20
Schrok me rot, gelukkig gedroomd! D