Het meisje met de fluwelen schede wacht al eeuwen op de prins met het blanke sabel.


HET MEISJE MET DE FLUWELEN SCHEDE


HOE HET BEGON:
Op een herfstachtige zondagmorgen liep ik al vroeg door het park te wandelen. Het was een zonnige ochtend en de temperatuur was aangenaam voor de tijd van het jaar. Op een enkele vroege jogger na was het park nog stil en verlaten. Ik had mijn oude brood meegenomen want ik wist dat in de grote vijver van het park minstens 50 reusachtige karpers zwommen. Sommige karpers zwommen daar al 40 jaar. Ik herkende er een paar aan de kleurentekening op hun rug. Die zwommen hier al toen ik hier als jochie van 8 met mijn vader kwam om ze te voeren. Ik gooide de eerste stukjes brood in het water en daar kwamen ze al aan gezwommen. Ze openden hun grote tandeloze bekken vlak onder het brood en met een kleine draaikolk zwolg het ene na het andere stukje brood naar binnen. Fascinerend gezicht, toen mijn brood op was ging ik op mijn hurken vlak naast de vijver zitten en hield mijn rechterhand voorzichtig in het water. De oudste karper leek me wel te herkennen want hij zwom meteen naar mijn hand en begon liefkozend aan mijn vinger te sabbelen en te zuigen. Na een tiental seconden hield hij het voor gezien en zwom weer rustig weg, net als hij 40 jaar geleden bij mijn vader deed.


DE VROUW MET DE SCHEDE TUSSEN HAAR BENEN:
Ik kwam weer overeind en draaide me om om naar het pad terug te lopen. Daar zat opeens een aantrekkelijke jonge vrouw. Ze had heel rustig met een tijdloze glimlach om haar lippen naar mij zitten kijken terwijl de karper aan mijn vinger sabbelde. Ze knikte me toe en zei goedemorgen mijnheer, u kunt goed met de vissen opschieten zie ik. Ik knikte bevestigend en liep naar haar toe. Bij haar aangekomen viel me meteen op dat ze iets metaalachtigs omvat hield met haar handen. Ik kon echter zo een twee drie niet direct vaststellen wat het was wat ze in haar handen en tussen haar benen geklemd hield. Ja, zei ik, ik kom hier al 40 jaar bijna iedere week de karpers voeren en ze kennen me ondertussen. Maar, zei ik, ik heb u nog nooit eerder gezien hier. Dat klopt zei ze, ik ben hier net van de week in de stad komen wonen. Okay zei ik, welkom in Den Haag, en reikte haar mijn linkerhand omdat mijn rechter nog nat was. Zij bleef echter hetzelfde zitten met haar handen om het voorwerp geklemd. Sorry zei ze, dank u wel maar ik kan u helaas geen hand geven. Ik vond het een beetje vreemd maar stelde me toch aan haar voor, ik heet Dik zei ik, Dik Laan. Ik heet Amalia, zei ze, Amalia van Solms en ze sprak de naam een beetje op zijn Duits uit. Wat leuk, zei ik, net als de dochter van Alexander en Maxima. Ja, zei ze, inderdaad, die draagt mijn naam. Wat zegt u dat leuk, zei ik. Ja, zei ze meewarig, leuk hé en keek naar haar handen. Ik keek ook naar haar handen en was zo nieuwsgierig dat ik, voor ik het wist, vroeg, wat houdt u eigenlijk voor moois in uw handen?


DE FLUWELEN SCHEDE:
Tja, zuchtte de vrouw, dat is mijn schede. Ze schrok een beetje van haar uitspraak en zei snel, mijn fluwelen zwaardschede. Ze deed haar benen een ietsje omwijd en haalde de schede ertussenuit om hem aan mij te laten zien. Het was inderdaad een hele oude met rood fluweel beklede schede. Wat een mooie schede, zei ik, is het een erfstuk? Niet echt, zei ze, toen ik hem kreeg van mijn moeder was hij nieuw. Oh, zei ik, maar hij lijkt wel heel oud. Dat is hij ook, zei ze en ze staarde een beetje afwezig naar de verte. Ik ging naast haar zitten zonder iets te zeggen. Het is een lang verhaal, zei ze.


HET VERJAARDAGS CADEAU:
Ik kreeg deze fluwelen schede op 31 augustus 1620 voor mijn 18de verjaardag zei ze. Het was niet zomaar een cadeau want het was tevens een soort bruidsschat. Het zwaard wat erbij hoort was namelijk van mijn toekomstige echtgenoot Frederik Hendrik van Oranje. In die tijd koos je namelijk in mijn kringen niet zelf je man uit maar werd dat voor je geregeld. Frederik was echter op kruistocht en op de dag dat hij weer terug zou keren zou hij met mij trouwen. Ik kon die hele Frederik niet en mijn ouders waren al op leeftijd dus gaven ze mij deze hele bijzondere schede. Hij is precies gemaakt naar het model van het zwaard van Frederik zodat als hij na zijn omzwervingen terug zou keren en mijn ouders niet meer zouden leven ik kon controleren of hij werkelijk mijn aanstaande was door zijn blanke sabel in mijn schede te schuiven. Als het zwaard er in één vloeiende beweging in zou schuiven was het voor mij de garantie dat ik de juiste persoon voor me had. Ik verstond 1620, zei ik. Ja zei ze, 1620. En wanneer zijn jullie dan getrouwd, vroeg ik. Nooit, zei ze, hij is niet teruggekeerd van zijn kruistocht. Daarom moet ik eeuwig blijven wachten.


WIE WIL ER EEUWIG LEVEN:
Het was natuurlijk een heel vreemd verhaal maar ik kijk, na alles wat ik in mijn leven heb meegemaakt, nergens meer van op. Ik zat het verhaal nog eens te overdenken. Frederik Hendrik van Oranje, die naam kende ik, die leerde wij op de lagere school want hij kwam uit de buurt van Den Haag. Had je plannen voor vandaag, vroeg ik aan Amalia. Nee, zei ze, ik maak al jaren geen plannen meer. Kom, zei ik , ik wil je wat laten zien. We liepen samen naar het oude centrum en Amalia liep gelaten met me mee. We kwamen om 10 voor 11 aan bij het Mauritshuis en ik las op het lijstje met openingstijden, naast de hoofdingang, dat het om 11.00 uur openging. Om 11.00 uur precies ging de deur open en gingen we naar binnen. Ik pakte mijn museumjaarkaart en mijn portemonnee om voor Amalia te betalen. De caissière knikte echter en zei, loopt u maar door, het is goed zo. Zeker een weekend actie of zo, dacht ik en we liepen naar binnen. Ik zag aan Amalia dat ze het erg leuk vond in het museum, al rondlopend en kijkend hoorde ik haar af en toe een naam mompelen. Hé Hans, hé Willem verstond ik. Toen bleef ze staan voor een schilderij van een mooi slapend jong meisje met op haar schoot onder haar hand een rode fluwelen schede . Ze stond met haar mond open en er biggelde een traan uit haar ooghoek. Dat ben ik, mompelde ze. En inderdaad, op het bordje naast het schilderij stond in keurige sierletters haar naam.


ONZE EERSTE KUS:
Na een kwartiertje liepen we weer verder tot een schilderij van een jonge kruisridder met getrokken zwaard. Frederik Hendrik van Oranje, las ik op het bordje naast het schilderij. Ze pakte mijn hand en zei, dank je, en kuste me op mijn lippen. Ik was totaal verrast en bleef als versteend staan. Amalia liep echter resoluut naar het harnas en de wapenuitrusting die naast het schilderij stonden en pakte het zwaard dat in de handschoen van het harnas zat. Ze stak het in één vloeiende beweging in haar schede en glimlachte voldaan naar me. Het was het laatste wat ik van haar zag.

Bedankt voor het lezen van mijn artikel:
Graag lees ik je reactie, positief of negatief, ik waardeer elke reactie want daar leer ik zelf weer van. Vind je mijn artikel het lezen waard, stuur de link dan a.u.b. door naar je contacten. Ik wens je veel plezier met het lezen van mijn andere artikelen.

M.vr.gr. Dik Laan

© Dik Laan 2011 (voor ieder gebruik van de tekst van dit artikel is toestemming nodig zoals beschreven op http://www.auteursrecht.nl/auteursrecht/22090/ )

2
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+0 -0- x

harry schreef op 18 Dec 2011 om 21:30

Ik houd meer van dubbelzinnige verhalen. Toch een duim.

+0 -0- x

Tromp schreef op 18 Dec 2011 om 21:45

Tromp zegt:de auteur biedt ons een verhaal, met wel erg veel
fantasie. En een heel, heel dubbelzinnige titel.

De historische feiten(?) rammelen hier en daar ook wel
een beetje.-;). B.v. Frederik Hendrik van Oranje(ca 1620)
en de Kruistochten? Curieuze combinatie waar een historicus
bepaald niet blij mee zou zijn.

Het resultaat van al deze ingrediënten levert een
verhaal op met een mix van science-fiction,
geschiedenis, softporno en commedia all'improvisio!

Een aardig verhaal maar toch wat minder geslaagd dan
de andere produkties van de auteur.

Duim(pje) dus fan.

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: