roze regen is de zwaartekracht van vallende bladeren op het levenspad van een verwrongen roes waar grijs wil naderen

Hé, hallo lieverd,
goedemorgen
slaap je nog steeds?
open je ogen
het is ochtend reeds

Kom, sta op dan
het is koud hier
waar is je jas?
moet ik hem zoeken
of weet je waar die was?

wordt nu toch wakker
we moeten weg hier
het is bijzonder fris
het maakt ook niet uit

waar je jasje is
lieverd reageer eens
ik heb wel iets warms
en met mijn armen
is het een eitje
om je te verwarmen

Hé, geef me eens antwoord
lig daar niet zo stil
kijk naar je gezicht
het is beangstigend
met je ogen dicht

Kom, sta op dan
geef mij je hand
ik zal wel wrijven
en de zerkse kou
uit je verdrijven

Toe schat, wordt wakker

 

Toe, wordt wakker!


''Hé slaapkop!''  Voor de zevende maal geeft Babette haar man een por. Nu iets harder dan daarrvoor, maar een reactie komt er niet. Zelfs geen kreun.
Ze kijkt  hoe het lichaam terug veert van de pot die zij gegeven heeft en haalt dan haar schouders op.
Dan niet!
Als Mans op een dag zo prachtig, als de zonnestralen door het gordijn heen beloven in zijn nest wil blijven liggen, moet hij het zelf maar weten.
Hij zal vast wel weer pijntjes hebben waardoor hij de slaap verkiest boven haar.
Typisch Mans.
Af en toe is het een ouwe zeikerd aan het worden die elke seconde van de dag klaagt over zijn kwaaltjes en zere haartjes.
Ja, zere haartjes ja - voor zover hij ze nog heeft, want ze zijn op één hand te tellen.
Wie had dat kunnen denken. Mans, de sportieve, energieke militair die zijn vaderland op een voetstuk had staan. De man op wie ze zo verliefd geworden was. Jaren - jaren geleden.
Babette zucht en laat haar ogen nog heel even op haar Mans glijden. Zijn houding is onveranderd. Zijn gelaat bleek en getekend maat met een glimlach die hem wel in een hele mooie droom moeten hebben gebracht.
Zou zij er ook in voorkomen?
Ze glimlacht.
''Mans. Toe, je moet me helpen met de kousen''  probeert ze nog eenmaal als de glimlach is verdwenen, maar wederom blijft een reactie uit en besluit ze met een zucht hem slapend te houden.

 

Bloemetjesjurk

Moeizaam begint ze aan een ritueel wat haar in vroegere dagen veel minder tijd kostte en waar ze zeker ook geen rollator bij  nodig had.
Haar rollator - Haar steun en toeverlaat, zonder is ze afhankelijk en het laatste wat ze wil is afhankelijkheid. Ze kan het prima redden.  Ja. Prima zelfs! Al dat gemekker van die patatgeneratie over wat er allemaal wel neit mogelijk is. Het liefste willen ze haar het huis uit hebben. Niets geen ouderliefde meer. Gewoon gehokt opbergen als een seniele fossiel.
Nou... haar krijgen ze niet zomaar gevangen hoor!
Ze schuift de kastdeuren open en tuurt dan enigszins verbaasd naar de kleding in de kast en fronst haar wenkbrauwen.
Ze moet de verkeerde kast geopend hebben, want geen van de kledingstukken komt haar bekend voor.
Met licht afkeer blijven haar ogen hangen op een bloemtjesjurk. Hoe Dodo-overjarig kun je kleding nog maken.
Ze haalt haar schouders op, schuift de kast weer dicht en sjokt, geholpen door haar rollator richting het keukentje.
De verdwazing laat haar daar niet los en op de drempel van de keuken, klemt ze haar kromme vingers rondom de handvatten van de rollator om het beeld scherp te krijgen wat ze niet herkend.
Heeft ze wel de goede deur genomen?
Waar in vredesnaam is ze?
Ze probeert vat te krijgen op de vragen en zelfs ook angsten maar het is enkel de paniek die toeneemt en al het andere overheerst.
Er moet toch iets zijn....

Met haar rollator voor zich uit en in zich de nodige angst dwingt Babette zichzelf om iets van herkenning te kunnen creeeren, zodat het allemaal weer op z'n plaats kan vallen, maar het zweet breekt haar uit en onrustig loopt ze de kamer door.
Op zoek - op zoek naar iets. Gewoon iets vertrouwds.

 

Angst

Ze bereikt een deur en opent die voorzichtig. Ergens hoopt ze op een levend wezen wat haar de juiste weg wijzen kan, aan de andere kant is er de angst om zomaar ergens binnen te vallen. Ja, zomaar...
Heeft ze dat niet ooit bij Esther gedaan met die rare vent van d'r?
Die vent neemt haar helemaal in beslag. Zou het daarom zijn dat ze Esther zo weinig ziet?
Dat moet wel!
Ze kijkt de kamer in en ziet een bobbel in het bed. Een bobbel die verdacht veel lijkt op een mens onder dekbed.
Haar hart begint weer te razen, maar toch schuifelt ze zachtjes naar die bobbel in haar bed toe.
Dan.... draait zich ze pijlsnel om en zoekt een weg naar de telefoon.
''Esther - je móét komen!''  geeft ze haar dochter aan de andere kant van de lijn geen tijd haar naam uit te spreken.
''Wat ben je nu weer kwijt?'' 
''Ik ben niets kwijt. Er is een man - Een man in mijn huis!''
''Papa zeker''
''Papa?  Nee, die is dood - nee, er is een man. Je moet komen! Je moet echt! NU!''
Ze kan de paniek in haar stem niet verborgen houden en het is maar goed dat ze geen pacemaker heeft anders was die vast in actie gekomen.
''Ik kom er aan''  beloofd ze stem haar.
''Wel opschieten hoor!''

 

Zij weer?


''Je moeder weer?''  raadt Jaiden als Esther met een vermoeide zucht de telefoon uitdrukt.
''Ja, wie anders.''
''Wie heeft er nu weer gestolen?''
''Vandaag nog niemand - nu is het een vreemde man die in huis is en ook nog in haar bed is gekropen. Kun je het je voorstellen?''
Jaiden kan een lachje niet onderdrukken.
Esther mikt geergerd de draadloze telefoon op tafel. soms, heel soms zou ze die telefoon wel eens het huis uit willen smijten of gewoon een volledig ander telefoonnummer nemen zodat ze niet te pas en te onpas gebeld wordt door haar dementerende moeder.

''En nu?''  haalt Jaiden haar uit haar gedachten, ''Ga je naar haar toe? Dat zei je....''
''Om haar gerust te stellen ja... Laat Astrid maar een keer gaan - die glipt er altijd tussendoor.''
''Astrid woont in Frankrijk.''
''Ja, lekker makkelijk ja...nou vrijdag is ze aan de beurt... ik roep al heel lang tegen pa dat hij haar moet laten opnemen... maar nee, omwille van één of andere achterlijke belofte houdt hij haar thuis... geen wonder dat die man op bed is gaan liggen. Hij is hartstikke moe.''

het spoor bijster
dans ik op illusie
van ongrijpbare hoop

roze regen
is de zwaartekracht van
vallende bladeren
op het levenspad
van een verwrongen roes
waar grijs wil naderen

een regenboog
domineert elegant
tussen kale bomen
waarnaast zwammen
opgetogen paren
in tevergeefse dromen

10
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+0 -0- x

Taco-Veldstra schreef op 13 Oct 2011 om 14:38

Mooie combinatie van verhalen en gedichten. Duim taco

+0 -0- x

yrsa schreef op 13 Oct 2011 om 14:39

dank je wel!

+0 -0- x

Jack-Hage-Sr schreef op 13 Oct 2011 om 14:50

Wonderlijk geschreven, lijkt van de hak op de tak, maar is niet zo! D.

+0 -0- x

Kirsti schreef op 13 Oct 2011 om 14:53

Opnieuw mijn complimenten Yrsa, prachtig geschreven!

+0 -0- x

yrsa schreef op 13 Oct 2011 om 14:55

Thnxx jack en kika!

+0 -0- x

Mag schreef op 13 Oct 2011 om 15:39

Heel mooi geschreven.

+0 -0- x

yrsa schreef op 13 Oct 2011 om 15:50

thnxx mag :)

+0 -0- x

Ingrid2 schreef op 13 Oct 2011 om 16:07

lijkt me verschrikkelijk moeilijk om dementerende familie te hebben. Mooi geschreven!

+0 -0- x

yrsa schreef op 13 Oct 2011 om 16:18

dank je wel ingrid!

+0 -0- x

Berna schreef op 13 Oct 2011 om 20:11

Prachtig geschreven Yrsa. Liefs

+0 -0- x

yrsa schreef op 13 Oct 2011 om 20:12

thnxx berna :)

+0 -0- x

yvonne-luten schreef op 14 Oct 2011 om 10:35

Mooi verhaal, pakte me meteen. Duimpie

+0 -0- x

yrsa schreef op 14 Oct 2011 om 12:12

dank je wel yvonne!

+0 -0- x

verbijsterend62 schreef op 14 Oct 2011 om 12:50

wordt het niet eens tijd voor een boek?

+0 -0- x

yrsa schreef op 14 Oct 2011 om 15:21


bloos

Dank je wel voor je geweldige reactie/compliment!
tja, wie wil dat niet... zou wel vet supergaafzijn :)

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: