Je 's ochtends onder de douche door een krachtige waterstraal laten besproeien is heerlijk! Maar pas op: als er zand in het water zit, wordt je huid gezandstraald en dat is minder prettig. Net zoals rivieren dat met gesteente doen.

Verwering

Je weet inmiddels dat hooggebergten zoals de Alpen en de Pyreneeėn veel reliėf kennen. Hoge toppen, diepe dalen en steile hellingen wisselen elkaar af. Maar hoe ontstaat dit allemaal? Een bergtop ziet er hard uit, vooral met dat gesteente. Zo'n gebergte verbrokkelt langzaam. Dat kan op vier manieren gebeuren:      1. In het gesteente zitten een aantal scheuren en spleten. Na een regenbui komt er water in de scheuren en spleten. Omdat het hoog in de bergen 's nachts heel koud is, zal dit water bevriezen. En water dat bevriest, zet een klein beetje uit. Hierdoor wordt het gesteente aan beide kanten van de scheur uit elkaar geduwd. Als dit vaker gebeurt, zal er een stuk steen afbreken. 2. Het gesteente kan verbrokkelen, doordat een steen overdag door de zon heel warm wordt en 's nachts afkoelt tot onder het vriespunt. Hierdoor zal de steen uitzetten en inkrimpen. Uiteindelijk zal de steen hierdoor in stukken breken. 3. Soms groeien er plantenwortels tussen de spleten. Zodra de wortel in de spleet dikker wordt, kan deze de steen laten breken. 4. Ten slotte heb je bepaalde soorten gesteente die oplossen in water, bijvoorbeeld kalksteen. Dat gaat natuurlijk heel langzaam.       Als je bedenkt dat dit elke dag, het hele jaar door en jaar in jaar uit gebeurt, kun je je voorstellen dat zo'n bergtop langzaam afbrokkelt. Het verbrokkelen van gesteente noemen we verwering.

Erosie

De stenen die vanaf de bergtoppen naar beneden vallen, komen onder aan de helling in een rivier terecht. In het snelstromende water van de bergrivier botsen de stenen tegen elkaar. Ze zullen hierdoor in stukken breken. Doordat de stenen langs elkaar schuren, raken ze afgerond. Hierdoor ontstaat grind: een heleboel ronde steentjes bij elkaar. Dit grind schuurt over de bodem van de rivierbedding, waardoor de rivier langzaam steeds dieper wordt. Het uitschuren van gesteente doordat water en stenen erlangs bewegen, noemen we erosie. Als dit uitschuren miljoenen jaren dorgaat, maakt een rivier een diep dal in de bergen. In het hooggebergte kan erosie ook veroorzaakt worden door gletsjers. Gletsjers zijn dikke pakketten ijs van honderden meters dik. Ze ontstaan in het hooggebergte doordat de sneeuw die niet smelt zich ophoopt. Een gletsjer beweegt langzaam naar beneden en schuurt over de ondergrond. Als het ijs over gesteente schuurt ontstaat er gladde, gepolijste vormen. Hierdoor kan ook een dal ontstaan, maar dat heeft een andere vorm dan een dal van een rivier. Omdat vroeger de gletsjers groter waren kun je nu heel goed zien of een dal in het verleden door een gletsjer of een rivier is uitgeschuurd. Een rivierdal heeft een V-vorm en een gletsjerdal een U-vorm. Zelfs de wind kan erosie veroorzaken. Als er zand in zit, kan de wind flink schuren. Denk maar aan een zandstorm in de woestijn.

Zand en klei

Het lijkt misschien onvoorstelbaar, maar al dat harde gesteente verbrokkelt en verslijt. Verwering en erosie zorgen dat al het gesteente uiteindelijk tot heel kleine steentjes verbrokkelt. De korreltjes die je nog met het blote oog kunt zien heten zand en grind. De korreltjes die je alleen met een microscoop kunt zien heten klei.
2
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+2 -0- x

Nils-Peters schreef op 14 Feb 2010 om 07:46

Ik als amateur geoloog vind dit een heel goed artikel en het is leuk om dat hier te lezen !

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: