Ooggetuigen worden tegenwoordig erg vaak gebruikt voor verschillende onderzoeken. Vaak zijn dit onderzoeken waarbij iemand een strafbaar feit heeft gepleegd. In de rest van dit stuk ga ik hier dan ook op in. Bij het ondervragen van ooggetuigen kan nog wel eens iets misgaan. Perceptie, het geheugen en andere factoren kunnen de waarheid dan ook sterk vertekenen. Hierom ben ik ook van mening dat functionarissen een inleiding in de psychologie moeten volgen. Zo worden ze zich meer bewust van de verschillende factoren waar ze rekening mee dienen te houden.

Sensatie en perceptie
Als eerste wil ik graag het aspect van sensatie en perceptie uitleggen. Sensatie is simpel gezegd een waarneming in de hersenen van een stimulus. Perceptie is vervolgens de eigen interpretatie van de sensatie. De perceptie kan beïnvloed worden door heel veel verschillende factoren. Zo kan het beïnvloed worden door bijvoorbeeld emoties en ook bias speelt hierbij een grote rol. Wanneer iemand erg verdrietig is zal deze persoon de situatie waarschijnlijk veel negatiever zien dan iemand die heel erg vrolijk is. Er bestaan veel soorten bias, wat ik zelf een goed voorbeeld vind is iemand die geneigd is alle informatie niet te onthouden waarvan het niet overeenkomt met zijn eigen normen en waarden. Dit kan erg veel invloed hebben op de perceptie.
Wanneer functionarissen een inleiding in de psychologie zouden volgen zouden ze hier heel veel over leren. Door bovengenoemd probleem dan in hun achterhoofd te houden zouden ze bijvoorbeeld ander soort vragen kunnen stellen. Zoals hoe de ooggetuigen zich voelde die dag. Op die manier kan de functionaris beter zien of de perceptie mogelijk beïnvloed is door andere factoren.

Het geheugen
Ook bij het geheugen kan er vaak wat misgaan. Het geheugen is namelijk veel minder secuur dan een videocamera, wij onthouden namelijk niet alles tot in de kleinste details. Zo is er wel eens onderzoek gedaan bij ooggetuigen die de dader zo gedetailleerd mogelijk moesten beschrijven. Ze konden via een speciaal programma het gezicht helemaal samenstellen zoals hun dachten dat het eruit zag. Slechts 4% van de deelnemers kwam tot een juiste compositietekening. Dit komt doordat ons geheugen een gezicht onthoud als één geheel. Hierdoor word het dus heel moeilijk om in detail in te gaan op de kenmerken van een gezicht.


Voordat iets wordt opgeslagen in het geheugen gaat het door drie stadia: Coderen, opslaan en terughalen. Vooral bij het coderen en het terughalen gaat er nogal eens wat mis. Het geheugen heeft dan ook zeven zonden. Eén van deze zondes bespreek ik verderop nog, namelijk suggestibiliteit.

Stereotypen
Het gebruik van stereotypen kan ook een gevaar zijn voor de betrouwbaarheid van een ooggetuige. Tegenwoordig maken veel mensen gebruik van stereotypen en dit wordt ook versterkt door de media. Zo laat de media bijvoorbeeld vaak Marokkaanse jongeren zien die betrokken zijn bij criminaliteit. Hierdoor gaan veel mensen Marokkaanse jongeren associëren met criminaliteit. Zo ontstaat dus het volgende stereotype: alle Marokkaanse jongeren zijn betrokken bij criminele activiteiten. Door dit stereotype gaan mensen al snel verkeerde conclusies trekken. Wanneer een ooggetuige de dader niet van heel dichtbij heeft gezien zal deze al snel denken dat het een Marokkaan is geweest.
Wat hiervan een heel goed voorbeeld van is, is het voorval wat in 2006 plaatsvond op het centraal station van Brussel. Hier werd een man overvallen van zijn MP3 speler door twee mannen. Deze man weigerde de MP3 speler aan hun te geven. Daarop trok één van de mannen een mes en stak hem in zijn hart. Een paar uur later overleed de man. Een dag na de moord werden de getuigen ondervraagt. Een vaak terugkerende opmerking van de getuigen was dat de daders oudere Marokkanen of in elk geval Noord-Afrikanen zouden zijn geweest. De politiewoordvoerder nam deze verklaring al snel over en vertelde de kijkers van het nieuws dan ook dat de daders van een Noord-Afrikaanse afkomst waren. Toen later de gemaakte videobeelden van de daders aan het publiek werden getoond, werden de daders herkent. Het bleken twee scholieren te zijn, afkomstig uit Polen.


Dit was een groot misverstand ontstaan door het gebruik van stereotypen. Wat vooral een grote oorzaak was, was het feit dat de politiewoordvoerder zich liet meeslepen door de verklaringen van de ooggetuigen. Dit is dus nog een grote reden waarom functionarissen een inleiding in de psychologie zouden moeten volgen. Wanneer deze politiewoordvoerder hier namelijk meer inzicht in had dan zou dit hele misverstand misschien wel niet eens zijn gebeurd.

Suggestibiliteit
Bij suggestibiliteit is iemand vatbaar voor suggestie. Hierdoor kan iemand dus beïnvloed worden door iemand anders zonder het door te hebben. Dit kan per ongeluk gebeuren, maar ook opzettelijk. Daders, medeplichtigen en andere mensen kunnen hier gebruik van maken. Zo kan iemand gaan geloven dat iemand de dader is terwijl deze persoon onschuldig is. Dit kan erg gevaarlijk zijn bij het ondervragen van ooggetuigen. Wanneer er dan gebruik gemaakt wordt van een line-up bestaat er een grote kans dat een onschuldig persoon word aangewezen. Zo kan iemand onterecht schuldig worden bevonden, maar op deze manier kan ook de dader aan de straf ontkomen.
Dit is ook onderzocht bij 18 mensen die de dader aan moesten wijzen na een opgezette diefstal. Voor dat de diefstal plaatsvond liep er met opzet een man het lokaal in om iets neer te zetten. Het was de bedoeling van de onderzoekers om de 18 mensen te laten geloven dat deze man de dader was. Aan het eind waren inderdaad de meeste mensen ervan overtuigd dat hij de dader was, hij kreeg de meeste stemmen.
Zo zie je maar hoe snel mensen beïnvloed kunnen worden door suggestie. Dit is heel belangrijk voor functionarissen om te weten voordat ze een ooggetuige gaan ondervragen. Ook is het verstandig om de verschillende ooggetuigen niet van te voren met elkaar te laten praten, ook hierdoor kunnen ze worden beïnvloed.

Naast al deze redenen zijn er nog genoeg redenen te verzinnen waarom een functionaris verplicht zou moeten worden om een inleiding in de psychologie te volgen. Op deze manier krijgen ze veel meer inzicht in hoe het brein van de mens werkt en wat hier allemaal fout in kan gaan. Hier kunnen ze dan rekening mee houden tijdens hun ondervragingen met ooggetuigen. Naar mijn mening word hier nu nog te weinig rekening mee gehouden en hebben ze hier ook gewoon nog niet voldoende kennis voor. Ook word er naar mijn mening te veel vertrouwd op ooggetuigen waardoor een persoon vals beschuldigd kan worden, maar ook een schuldige op vrij voet weg kan lopen.
Al met al zou een inleiding in de psychologie een zeer waardevolle aanvulling zijn bij een opleiding van een functionaris.

 

 

 

 

Bronnen

De onderzoeken waren uitgevoerd door E. Misho en E. Jasbaard.

Ook heb ik al bron een artikel gebruikt van prof. dr. H.L.G.J. Merckelbach

3
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+1 -0- x

Mereltje schreef op 27 Jun 2011 om 15:27

Interessant

+1 -0- x

robxead schreef op 27 Jun 2011 om 17:16

Goed beschreven.
Aan de ene kant hebt je een goed punt betreffende het ondervragen van getuigen, aan de andere kant is de kans op beinvloeding daardoor ook meteen groter: je kunt de getuigen beinvloeden als je de psychologie achter de mens beter kent.

+0 -0- x

Yabba schreef op 27 Jun 2011 om 18:04

Goed en intresant artikel.

+0 -0- x

Liesl schreef op 05 Jul 2011 om 01:16

Fantastisch! ^^

+0 -0- x

Sylvia schreef op 19 Aug 2011 om 03:02

Wederom een interessant artikel :) En fijn dat je vermeldt waar je de informatie vandaan hebt, dat mis ik bij veel artikelen ;)

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: