Hoe iedereen op zijn manier op zoek is en laat vallen.

 

De Kapitein, het deinende boegbeeld en het gedeelde hondje


De sleepbootkapitein zocht opnieuw een persoonlijk houvast in zijn leven. Zijn vrouw, waar hij bijna 30 jaar gelukkig mee was geweest, had haar leven belangeloos gegeven op de operatietafel. Een simpele ingreep had helaas fatale gevolgen. Een bedrijfsongevalletje waar de kapitein de strijd mee aan had kunnen gaan, maar nooit meer echt zou kunnen winnen. Daar sta je dan stuurloos, inclusief alle andere praktische consequenties van dien. De plannen die gemaakt waren voor een aangename naderende oude dag vielen als een kaartenhuis in duigen. Het luxe appartement met uitzicht op de Maas was gekocht in staat van oprichting, met nu als gevolg dat hij geen vrouw meer had maar wel twee  huizen. De crisis op de financiële markt en aansluitend op de huizenmarkt leken die dubbel vervelende situatie ook niet op korte termijn te kunnen oplossen.

In onze eerste ontmoeting leek deze dure hobby hem niet echt te raken. Hij had er totaal geen slapeloze nachten van zei hij, met net iets te veel nadruk op totaal, immers zijn overwaarde was nog steeds ruim voldoende om de klappen op te kunnen vangen. Wij vertelden allebei geanimeerd over ons leven, als een vertrekpunt om te kijken waar we uit zouden kunnen komen. 
Hij was als schipperskind op een aantal internaten geweest en had gaande weg zijn ondernemingsgeest goed kunnen ontplooien. Het zakgeld wat hij daar als enige van huis uit niet kreeg compenseerde hij via allerlei klusjes en handeltjes en al snel had hij veel meer contanten in zijn zak dan zijn hele omgeving bij elkaar opgeteld. Handig en slim wist hij zonder voortgezette opleiding uiteindelijk zijn draai te vinden. Een eigen schip, daarna toch vanwege zijn gezin weer kiezen voor de vaste wal en een baan in loondienst en nu tenslotte een prima plek aan het hoofd van een sleepboot in de Rotterdamse wateren.  Alleen dan momenteel helaas zonder dat iemand thuis op hem wachtte na afloop van zijn lange diensten van steeds zeven dagen en nachten achtereen.

Hij gaf aan dat hij al tig vrouwen had ontmoet maar dat de juiste er niet tussen zat. Hij was op zoek naar iemand waar hij mee gezien wilde worden en die hem en zijn humor ook begreep. Die humor vond ik zeker wel apart, zijn soort stoere directe grappen konden mij aan het lachen maken en zijn postuur van bijna twee meter straalde zeker een prettige en stevige veiligheid uit. We praatten een paar uur afwisselend en onophoudelijk en ook mijn wat mindere uitgangspositie rond het niet hebben van een betaalde baan kwam natuurlijk ter sprake.  Steeds als ik daar verslag over uitbracht aan de mensen om mij heen, voelde het als een nederlaag.  Als onrecht zelfs, vanuit een persoonlijke confrontatie en niet meer mee te mogen doen in de grote mensen wereld. Ik had het stempel van een 55 plusser gekregen waar geen vraag naar was.

Veertig jaar aan voortschrijdende inzichten en buffelen telden niet, er waren genoeg anderen die steeds die rol van eerste keus kregen aangereikt, verdiend of onverdiend. Frustrerend, maar mijn strijdlust was eigenlijk alleen maar toegenomen en het aantal sollicitatiebrieven had in deze maand augustus met stip het gemiddelde over alle andere afgelopen maanden heftig overtroffen. Maar, daar waar regelmatig uitnodigingen waren gevolgd voor een verkennend sollicitatiegesprek, bleef het nu angstaanjagend stil. Vakantietijd? Nog meer malaise op de arbeidsmarkt? Een bataljon aan ambtenaren die in de kleine vijver met heel veel vissen herplaatst moesten worden?  In die situatie kende ik de vijand niet. En ik wist daarom ook niet meer wat voor wapens ik in de strijd moest gooien om duidelijk te maken dat er een oorlog te winnen was door en met vooral juist het inhuren van mijn inzet. Die vaste overtuiging in combinatie met het meer en meer uitblijven van deelname aan de onbekende concurrentieveldslagen, ja dat deed wel wat met mij.

Zo merkte ik ook in mijn samenvattingen regelmatig een lastig trillinkje in mijn stemgeluid, of hoorde een niet hardop uitgesproken tekst van onderliggend denkbeeldig persoontje wat mij probeerde te waarschuwen. Dat ik vooral niet toe mocht geven aan mijn gevoel van op de proef gestelde onzekerheid. Ik koos dan meestal voor het maskeren van deze gevoeligheden en verhulde mijzelf in de strategie van optimisme en vastberadenheid en zorgde voor een directe en absolute wending in het aangebroken thema.

Het gevolg was overigens wel dat ik in mijn persoonlijk zoektocht naar een gezellige en nu vooral eens een eerlijke partner, steeds verder van ook dit doel leek af te dwalen. Behalve op de arbeidsmarkt was ik nu ook niet langer op de relatiemarkt  een enthousiaste,  gelijkwaardige, laat staan interessante partij. De afwegingen bleken net zo hard als meedogenloos en versterkten elkaar nog eens in de negatieve sluitende vicieuze cirkel. Een vicieuze cirkel met een gevoelstemperatuur van maximaal diep ingevroren verpakt in luchtdicht en geseald vacuüm.

Nadat de kapitein en ik beiden één cappuccino en twee biertjes hadden geconsumeerd werd onze ontmoeting afgerond met zijn voorstel om gezamenlijk zijn vlakbij gelegen nieuwbouwappartement te bezichtigen. Ik stapte in zijn Audi met de bedoeling dat hij mij later weer bij mijn geparkeerde fiets zou afleveren.

Het prachtige appartement was gesitueerd op de derde verdieping van inderdaad een A1 locatie. Het geweldige uitzicht over de regionale waterweg leken een logische keuze volledig in overeenstemming met de voorkeur en trotse uitstraling van deze kapitein. Diepe gronden en stille wateren, of was dat in dit geval juist andersom? De invulling van de woning was in ieder geval nog nauwelijks van de grond gekomen. Vier lege en holle ruimtes maar wel een badkamer en keuken waar duidelijk over nagedacht was. Veel extra comfort na wat verplaatste muurtjes maar ook een kleur tegels die gek genoeg niet helemaal paste in de sfeer van dit moderne onderkomen in wording. Ik zou er niets van zeggen, dat was mijn taak niet. Maar duidelijk wel de taak van potentiële kopers die een paar dagen later zouden afzien van deze aanbieding omdat zij toch eerder voor strakke witte tegels zouden vallen.

Zo ging dat nou eenmaal in het leven, sommige details krijgen de kans om in de volledig verkeerde verhoudingen wel een doorslaggevende stem te krijgen en zijn dan bepalend voor een wat minder gunstig verloop van zaken. Maar de bezichtiging was naar mij toe vast aardig bedoeld van de kapitein. Hoewel ik daar achteraf ook wel wat meer bedenkingen bij kreeg. Misschien dat hij alles en iedereen daar vooral een kijkje gaf in de hoop dat mond op mond reclame in bredere kring zijn kans op verkoop zou vergroten.

In het verdere contact via email en chatten voltrok zich een voortzetting van de aangename sfeer. Wat plagerig, inclusief de uitdaging om daar ook gepast plagerig en over en weer op kunnen te reageren. Via de verkoopsite van huizen kon ik ook een virtuele blik werpen op zijn andere te koop staande woning. Als neutrale goedbedoelende partij stelde ik wat vragen en gaf hem zelfs adviezen om de woning aantrekkelijker te kunnen maken voor mogelijk meer aspirant geïnteresseerden.

In een van deze chats, op de dag na onze ontmoeting, nodigde hij mij uit om die avond bij hem thuis te komen eten en het dan ook verder te hebben over wat makkelijk haalbare aanpassingen in de presentatie van zijn huis. Die uitnodiging kon ik niet aannemen omdat ik al plannen had gemaakt en zelf een maaltijd zou verzorgen voor een vriend die ik al zo’n tien jaar kende. De dag daarna, de vrijdag, stond wel nog open was mijn antwoord, maar bleef hangen zonder verdere reactie of gevolg.

Het etentje met mijn oude bekende vriend was gezellig en lekker en we hebben alle topics in onderwerpen als relaties, werk, familie en vakanties naar wederzijdse tevredenheid en inzicht doorgenomen en hij vertrok pas na twaalven in zijn snelle auto uit mijn inmiddels tot rust gekomen straat.

In de aangebroken verse vrijdag werd  ’s morgens nog verder wat heen en weer gepingpongd met de kapitein, zoals dat soms lijkt te moeten gaan in de bekende chatsessies.  Achteraf denk ik dat er wel wat verandering was in de inhoud en toon waarop de uitwisseling plaats vond. Een aantal opmerkingen kon ik mij in grote lijnen nog herinneren. Namelijk dat hij zijn privé-boot zou gaan verkopen en de opbrengst zou gaan verbrassen. Hij zag er zichzelf de komende tien jaar mooie ver weg vakanties van maken en daarna,  zo gaf hij aan, zou de vaart er wel een beetje uit zijn wat dat reizen betreft.
Even later vond hij het nodig om te zeggen dat hij zich in de aankomende tijd een tweeverdienende partner zou gaan veroveren, dit om vooral de draagkracht te vergroten in verband met de dubbele woonlasten.

Op deze digitale chat afstand was het lastig inschatten of het nu ging om grappen en grollen of dat hij er doelbewust op uit was een nog wat grotere afstand met mij in te bouwen. Ik reageerde wat flauwtjes met de opmerking “ja, wrijf het er maar in…” verwijzend naar zijn toch wel  luxe keuze positie en een gedwongen afhankelijkheid van moedertje staat mijnerzijds.  “Een beetje een zuur gevoel voor mij” verduidelijkte ik nog  “en dat, terwijl ik toch ook meer dan 40 jaar erg mijn best gedaan had”. De kapitein had daar geen boodschap aan want hij dacht dat hij waarschijnlijk gewoon harder gewerkt had en ook nog eens geen geld over de balk gesmeten. Een beetje een vreemd verloop van een contact waarvan ik eerst dacht dat het vriendelijk was.  Geld over de balk smijten, nou ja, of dat ooit mijn hobby was geweest…!

Eigenlijk kon ik alleen maar bedenken dat het iets met mijn afspraak met mijn oude vriend te maken moest hebben. Ik had daar namelijk ook verder geen tekst en uitleg over gegeven omdat ik niet het gevoel had dat ik mij daar over zou moeten verantwoorden en ik een zekere basis van vertrouwen toch aanwezig mocht veronderstellen. De chat werd overigens redelijk abrupt afgebroken omdat hij wat financiële administratie ging uitvoeren en er volgde als afsluiting een zoals andere keren “tot later”.

Dat later was gek genoeg niet eens echt veel later. Een ontmoeting live en niet op een manier die ik mij had voorgesteld. Ik had, omdat het nou eenmaal net een van die spaarzame zonnige momenten was, het “ervan willen genieten gevoel” omgezet in het daadwerkelijk zoeken naar een leuk terrasje in de stad. Op mijn fiets was ik via een wat omtrekkende beweging redelijk besluiteloos gearriveerd in de buurt van V & D en passeerde ook het buitenterras van het daar en al om bekende Grand Café.

In mijn snelle blik herkende ik plotsklaps de kapitein, in zijn volle lengte en op een hoge barkruk aan een van de tafeltjes op het terras. In mijn even zo snelle reactie parkeerde ik mijn fiets dusdanig dat ik al wandelend het terras en zijn bezoekers zou kunnen benaderen. Behalve de kapitein zat daar aan hetzelfde tafeltje ook nog een dame met lang blond haar en zij nipte geïnteresseerd en geanimeerd van haar glas verkoelende witte wijn.

“He, hallo”, bracht ik zogenaamd verrast uit toen deze kapitein koek mij in zijn vizier kreeg. Dat werd beantwoord met een redelijk onderkoeld en duidelijk ongeïnteresseerde groet terug, alsof ik een toevallige min of meer onbekende was. Maar dat was ik natuurlijk ook en dat zou ik graag zo houden! In mijn verborgen nijd wandelde ik verder maar hoefde in deze vertoning van mijzelf niet zo ver te gaan dat ik ook daadwerkelijk naar binnen ging bij V & D. Het mooie weer maakte dat ik mijn jasje uit kon doen en wandelde weer terug naar mijn geparkeerde fiets. In het retourtje langs het ontmaskerende terrasgebeuren, paradeerde ik met een rechte rug, ingehouden buik en borsten voorruit. Hij zou er door die aanblik alleen al spijt van moeten krijgen. En, waar ik normaal gesproken redelijk dwingend mijn voorrang eiste bij het oversteken, liet ik nu juist, om de tijd te rekken, het aanstormend verkeer rustig zijn gang gaan.

Mijn fiets was er gelukkig nog wel en ik waardeerde des te meer dit fijne middel van vervoer, door dik en dun, in de vorm van over en weer zeer gewaardeerd zij het onuitgesproken gevoel van vertrouwen en respect.  Ik en mijn fiets vertrokken fier naar een terrasje flink wat verder weg gelegen in het centrum. Daar was precies nog één stoel leeg in de overvolle doch zonnige setting en ik schoof dus aan bij drie aardige dames die het hadden over hun werk en wat ze er eigenlijk van vonden. In kritische zin dus en ik kon gelukkig de neiging onderdrukken om voor te stellen eens een weekje met mij te willen ruilen. Ik draaide mij wat af van dit gezelschap onder het mom dat ik nu graag de zon vooral in mijn gezicht wilde voelen.

Het biertje smaakte mij redelijk en ik uitte mijn onzekerheid en gevoel van ongemak door af en toe te kijken op mijn telefoon en eventuele berichten die er binnen zouden kunnen rollen. Zo’n smartfone waar iedereen mee bezig is als er even niets anders aan interessants lijkt te gebeuren in de directe omgeving. Nog effies en mijn biertje was op en ik vond dat ik moest gaan want een lekker gevoel leverde zelfs de warme zonnestralen mij niet echt op.

Terwijl ik binnen bij de bar stond om af te rekenen zag en voelde ik een onbestemd type man wat onrustig achter en naast mij een soort van heen en weer springen. Hij sprak mij tenslotte aan met de vraag of ik al weer ging en of dat wel nodig was. Ik probeerde mijzelf en hem te overtuigen van wel, maar hij won. Zijn volgende vraag was “hoe gaat het met je?” Een vraag die je in sommige situaties liever niet hoort zeker als je geneigd bent om een eerlijk antwoord te geven. En dat deed ik met alle gevolgen dien. Ik stond daar binnen de kortst mogelijke tijd met dikke tranen in de ogen te demonstreren dat het allemaal en helemaal niet mee viel.

We gingen erbij zitten, hij met een glas rosé en ik met een nieuw biertje en ik snotterde nog wat door. Uit onverwachte hoek kreeg ik hier aandacht van iemand die er ook voor uit wilde komen dat hij het nodige had meegemaakt. Ook geen baan meer, en al jaren geleden gedumpt in een relatie. In zijn verschijning - half lang en grijs haar, een vierkante bril met zwart montuur, spijkerbroek en sportschoenen – vond hij het blijkbaar noodzakelijk om mij alle mogelijke aantrekkelijke aanbiedingen van de wereld te doen.

Of ik met hem een paar dagen mee wilde gaan naar Istanbul. Geld had hij genoeg, hij wilde het leven vieren. Samen met iemand, zonder bijbedoelingen, zonder claims of verplichtingen. Gewoon gezellig gezelschap zijn en allebei op een eigen bedje aan de oever van de rivier en genieten van het mooie weer en het lekkere eten. Met verbazing luisterde ik naar zijn voorstellen en begreep niet hoe extreem ver de ervaringen van vandaag hierdoor uit elkaar kwamen te liggen.

Met horten en stoten en onder het genot van nog een paar drankjes vertelde ik hem over alle fiasco’s die ik in het rampjaar 2010 over mij heen gestort kreeg  en vooral moeite had gehad met het bijkomende liegen en bedriegen. Een stapeling van fout gedrag die dan nog erger lijkt dan alle gruwelijke feiten die er toch al lagen.

Nou ja, hij kon dat van harte met mij eens zijn en vertelde als troost en illustratie hoe zijn ex echtgenote nog die middag - in breed gezelschap met nadruk en luide stem - even had bevestigd dat ze nog steeds zo blij was dat ze van hem af was. Het had hem zelfs 10 jaar na de echtscheiding pijnlijk en direct in zijn hart getroffen en hij voelde zich als mens nog eens diep en extra overbodig vernederd en gekwetst.

Oorspronkelijk was deze John een Engelsman, nu 59 jaar en al 56 jaar in Nederland. Hij had gewerkt bij een oliebedrijf en was daar met een goede regeling vertrokken. Het leven had hem pijn gedaan en ik voelde met hem mee. In zijn poging om mij een hart onder de riem te steken koos hij voor lovende woorden. “”Jij, met je lekkere bekkie”  herhaalde hij zelfs een paar keer en kneep daarbij zijnerzijds met enig genoegen in een van mijn wangen. Hij wees ook naar mijn decolleté en vond dat dat er echt wezen mocht en ik daar in ieder geval wel trots op kon zijn. In hoeverre de drank een rol speelde in zijn verdergaande versiertechnieken, dat was wat lastig te peilen. De invloed die de drank op mij had ontwikkelde zich wel steeds meer, zij het in een nogal tegengestelde richting.

Ik bleef in een soort gespeelde nuchterheid vragen stellen over zijn leven om vooral de aandacht af te leiden van alles wat met mij te maken had. Hij reageerde daar wel goed op door op een gegeven moment te stellen dat achteruit kijken zinloos en kansloos was en hij vooral vooruit wilde. Ik zag zijn fantasie opbloeien en daarin zijn al geslaagde voornemen om mij ingepakt en wel in zijn koffer te vervoeren naar optimistische oorden en alle zorgen achter zich te laten in dit koude kikkerlandje.

Mijn wat gegroeide wantrouwen kreeg echter de overhand en niet onterecht, omdat hij ook letterlijk aangaf dat hij mij vanavond mee wilde nemen naar zijn huis, alleen maar met de bedoeling om mij te knuffelen, niet meer en niet minder. Ik maakte hem duidelijk dat ik daar niet op in zou gaan en zijn reactie daarop maakte mij duidelijk dat “nee” niet helemaal paste in zijn verwachtingspatroon. Ik wist even niet wat ik gemist had, waren de tijden nou zo veranderd of heb ikzelf een tussentijdse metamorfose ondergaan in vooral uitstralen wat ik niet ben. Een goedkope makkelijk prooi, eentje die je kan eten en herkauwen zo lang het smaakt, eentje die je naar het grofvuil kan schuiven als het genoeg geweest is, of eventueel nog even opnieuw bekijkt op wellicht nog bruikbare randjes om dan uiteindelijk toch definitief te dumpen.

John had er zichtbaar moeite mee dat ik niet in zou gaan op zijn misschien wel echt goed bedoelde avances. Hij wisselde van strategie en probeerde nu vooral zichzelf aan te prijzen tot een aanbieding die ik als intelligent weldenkend mens niet zou kunnen weerstaan en knoopte er bovendien nog een houdbaarheidsdatum aan vast.  Dit in het kader van het onderstrepen dat het hier een uniek doch slechts een eenmalig aanbod betrof.  De volgende dag zou hij rond vijven aanwezig zijn in café Loos, daar kon ik hem dan treffen. “Nee, aan telefoonnummers uitwisselen daar deed hij niet aan”!

Zijn stelligheid was voor mij een mooie escape en het werd tijd om nu echt maar eens te gaan. Ik rekende uit hoeveel biertjes hij voor mij zou moeten afrekenen en vereffende die schuld in contanten. Hij vond dat ik nu wel erg abrupt de zitting ging opheffen en hij was het daar ook niet mee eens.  Tijdens zijn trage bewegingen richting de bar zag ik dat hij zijn bankpasje onderweg was verloren en bracht dat achter hem aan. Hij bedankte mij en ik mijzelf ook voor de ruimte die ik ineens kreeg om toch nog een goede daad te verrichten op deze energievretende vrijdag.

Thuis heb ik even afgewacht of en hoe de kapitein nog zou reageren. Er volgde echter geen berichten en hij baande zich hiermee een makkelijke maar duidelijke uitweg. Ik zag hem vele momenten van de dag on line op de site en de enige actie die ik tenslotte wilde ondernemen was hem deleten als contactpersoon op msn.  Dat deed ik dan ook en dat gaf zeker een goed gevoel. Gewoon niet eerlijk, niet open, niet de moeite waard!

Op het voorstel van de Engelsman ben ik natuurlijk niet ingegaan, ook zelfs niet even overwogen om dat als een soort korte termijn pleziertje, toch wel te doen. De reëele mogelijkheid bestond natuurlijk dat hij al lang en breed in Istanbul zat, of op zijn minst onderweg was daarheen.  Ik  kon hem daarin ook geen ongelijk geven.

Wel kon ik mij verheugen op een nieuwe afspraak later in de week met de belastingman. Die kende ik al een paar maanden via de relatiesite en hij had inmiddels iemand getroffen waar het in alle opzichten goed mee klikte. Daar waren wij met zijn tweeën goed in, het uitwisselen van wat wij allebei aan ontmoetingen hadden gehad.

Goed in staat om de gang van zaken met humor te relativeren en ons daarmee ook open en eerlijk af te vragen hoe we nou eigenlijk in het leven stonden, waar er nog pijn zat en wat er voor nodig zou zijn om het ongelukkige tij te keren. Er waren geen persoonlijke verwachtingen tussen ons die verder gingen dan vriendschap en dat maakte het praten met elkaar zeker een stuk eenvoudiger.

Hij viel echter op die avond gelijk met de deur in huis met de mededeling dat hij inmiddels was afgehaakt van zijn nieuwe vriendin. Het was best een lastige beslissing geweest omdat zij gevoelsmatig toch dicht bij elkaar uitgekomen waren. De reden van beëindiging lag in vooral haar lichamelijke beperkingen. Ze was als gevolg van een eerder voltrokken echtscheiding in een soort geestelijke nood geraakt die af en toe ver ging en daarnaast waren er problemen rond haar immuunsysteem. Te ingrijpend helaas in het totaalpakket aan dagelijkse mogelijkheden, omdat de verschillende euforische initiatieven haar de daarop volgende dag volledig aan het bed deden kluisteren.

Zelf had de belastingman het gevoel dat hij iets nieuws geleerd had en dat hij weldegelijk in staat was dat hij ook voor een ander kon zorgen als de nood aan de man kwam. Die opoffering had hem niet al te veel moeite gekost, maar toch uiteindelijk voldoende roet in het eten gestrooid aangaande de gedeelde toekomstperspectieven. Het zou te ver gaan om geheel vrijwillig van zijn geplande wensen rond uitstapjes en vakanties af te zien. Ook de dagelijkse zorg in en rond zijn grote huis zou voor haar een te zware belasting worden. Het waren afwegingen dus, op een moment dat het gevoel nog niet de kans gekregen had om zich onomkeerbaar voor de langere termijn te verankeren. De belastingman bracht het terecht een beetje als verontschuldiging maar gunde zich vooral een wel eerlijk willen blijven naar zichzelf en alle daarbij behorende vooral prettige vooruitzichten.

Zo ongeveer tegelijkertijd bracht alleen al het begrip  “verankeren”  mij via de taaltechnische weg op de achterliggende ervaringen met de kapitein. Ik probeerde mijn belastingman in korte en overzichtelijke tekst wat uitleg te geven rond het recente reilen en zeilen.  Na zo ongeveer drie zinnen viel hij mij in de rede en wilde raden naar de naam van de kapitein. En, ja hoor, in een keer goed!  Deze kapitein had blijkbaar ook een relatie gehad met diezelfde vriendin waar hij nu ook net de toekomstperspectieven van had moeten laten verdampen! Met name in bed was de dame in kwestie iets te beweeglijk geweest vooral voor de kapitein. De veroorzaakte deining was te veel geweest van het goede en dat terwijl hij zich juist op die momenten noodzakelijkerwijs moest concentreren op het doel van waar hij feitelijk mee bezig was.

“Geen gekkigheid dus en vooral stil liggen” waren de strenge voorwaarden geweest van de kapitein en hierdoor was dit schip uit de koers geraakt en in de letterlijke betekenis van de gemeenschap uiteindelijk definitief gestrand. De dame in kwestie, laten we haar voor het gemak maar even “het boegbeeld” noemen (is ook wel zo’n rustige gedachte voor de kapitein), zou ook nog over andere beweeglijke sociale vaardigheden beschikken.  Zo had zij in een afgeleide poging hem toch te kunnen gerieven - zij het op afstand - succesvol weten te koppelen aan een Thaise dame. Een dame die qua dienstbaarheid en technieken beter aansloot op de heimelijke verwachtingen van de kapitein, doch duidelijk tot aan bepaalde grenzen, en het blijkbaar zelfs voor haar te veel werd van het goede. Zij had hem laten zitten en waarom precies, dat vertelde het verhaal helaas nog niet. Maar wie weet zouden de indirecte connecties met het boegbeeld daar in de toekomst nog uitsluitsel over kunnen geven.

De all inclusive relatie van het boegbeeld met de kapitein was dus uiteindelijk versoberd maar had wel geleid tot een warme vriendschappelijke band. Regelmatig belde hij haar nog op om te vragen hoe het met haar hondje ging. Datzelfde hondje dat de belastingman de afgelopen weken regelmatig had uitgelaten, op die uitgebluste momenten dat het boegbeeld fysiek niet meer in staat was tot het verplichte dagelijks poep en plas rondje met het hondje.

Ik genoot van de informatie van de belastingman, zeker als je dat plaatst binnen de kreet  “leuker kunnen we het niet maken”. De kapitein bleek in wezen een eenzame man, die wild op zoek was naar een passende invulling en bevestiging van zijn geblutste bestaan. Ook in de ogen van het boegbeeld was hij overigens de laatste jaren veranderd in een voornamelijk zelfzuchtige wispelturige player. Voor mij waren de kwartjes inmiddels gevallen en ik was blij dat ik hier zonder verdere kleerscheuren of zelfs maar een ladder in mijn panty van afgekomen was.

De belastingman schikte zich nu in zijn persoonlijk lot, was meer bereid om de tijd te nemen en verdere doelgerichte contacten op de relatiesite maar even uit de weg te gaan. Dat ik zelf tot op heden niet mee gegaan was in de waan van de dag of andere illusies in de afspraakjes die ik achter mij had, vond ik goed te plaatsen in natuurlijk zeer verantwoord gedrag. Wat ik probeerde te vinden zou vooral iets moeten zijn waar ik mij persoonlijk niet meer hoefde in te leveren of anderszins als recreatieobject kon worden bijgezet.

In de verkennende sfeer mochten het contacten zijn die soms zouden leiden tot mooie vriendschap. Mooi dus, zeker vanuit mijn behoefte aan algemene inspiratie en uitbreiding van integere sociale contacten. Uiteindelijk zou er vast als vanzelf juist die ene mooie persoon uit te voorschijn komen met een natuurlijke feeling voor geven en nemen, loyaliteit, open en eerlijkheid, als een stevige basis om een gezamenlijke uitdaging aan te kunnen gaan. Met grappen en grollen, met mooie dromen en zo af en toe de parabel over de kapitein, het deinende boegbeeld en het gedeelde hondje.

4
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+0 -0- x

Lovely schreef op 17 Sep 2011 om 19:41

Leuk geschreven en welkom! Maar ik zou volgende keer de tekst verdelen in alinea's met een leuke afbeelding ertussen zodat het aangenamer wordt om te lezen.

+0 -0- x

Moytie schreef op 17 Sep 2011 om 20:46

Heel goed geschreven...Welkom!

+0 -0- x

rinajansen schreef op 18 Sep 2011 om 20:57

erg mooi beschreven !

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: