Dit verhaal heb ik geschreven omdat ik uitgedaagd werd door een medeschrijfster op hyves. De opdracht: je rijd naar huis na een gezellige dag, wat gebeurd er onderweg.

Haast, haast, haast...

 

Nog 15 minuten tot ik bij de dijk ben geeft mijn navigatie aan. Ik ben bang dat ik het niet ga halen. Zo lang ik buiten de bebouwde kom ben probeer ik het gas er op te houden. De polderweg waarop ik rij is slecht verlicht. Door het slechte weer is het zicht beperkt. Het regent niet gewoon. Nee, het komt met bakken naar beneden en de lichten van mijn tegenliggers die gebroken worden door de neergutsende stralen hemelwater maken het volgen van de juiste weg er niet makkelijker op.

Waar ben ik dan?

De N302, officieel de Houtribdijk maar beter bekend als de dijk Enkhuizen/Lelystad, gaat om tien uur 's avonds uur dicht.
Onderhoud aan het fietspad en de sluizen was nodig om de dijk veilig te houden. Dat het net gepland was in de tijd dat ik er een keer gebruik van moest maken is een vervelende bijkomstigheid. Vloekend op mij zelf zit ik in de auto. Natuurlijk ben ik weer iets te lang blijven plakken. Mijn enige excuus daarvoor is, dat het zo verschrikkelijk gezellig was.

Te laat

De hekken zijn dicht, ik ben te laat. De verlichte cijfers op mijn dashboard geven aan dat het twee minuten voor tien is, de klok in het navigatieapparaat zegt één minuut over. Met mijn vuist geef ik een ferme klap op mijn stuur en heb er meteen spijt van. Het stuur is harder dan mijn hand.
Ik tuur het donker in of ik iemand zie lopen. Misschien dat ik toch nog toestemming krijg om door te rijden. Helaas, niemand te zien.

Ik herinner mij het glimmende dak van een soort huisje dat ik heb gezien in de laatste bocht.
Het lag een stukje naar beneden van de weg af. Licht had ik niet zien schijnen maar proberen om een plek voor de nacht te vinden kan ik altijd. Ik keer de auto en rij een stukje terug tot waar ik het paadje vind dat naar het huisje leid. De auto moet ik laten staan. Het paadje is te smal.
De deur van het huisje hangt half open in de scharnieren. Het ruikt er muf maar het belangrijkste is dat het er droog is. Uit de achterbak haal ik de deken van mijn paard. Voor het eerst in mijn leven ben ik blij met mijn eigen vergeetachtigheid. De deken moest gerepareerd worden en lag al twee weken te wachten achter in de auto. Twee flesjes drinken lagen er ook nog, net als een zak M&M’s om de trek te stillen.
Gewapend met mijn schatten haast ik me terug naar het huisje, duw de deur open en probeer in het licht van mijn aansteker iets te ontdekken.
Er liggen wat stukken hout in een hoek, verder is het leeg.
De deken op de grond, mijn jas als hoofdkussen en ik heb een bed voor de nacht.
Het geluid van de regen op het golfplaten dak zorgt er al snel voor dat ik in een onrustige slaap val. Elk geluidje laat me opschrikken Stel je voor dat er nog iemand op het idee komt om hier te gaan schuilen. Alleen een egeltje rolt zich verschrikt op als ik mijn aansteker aanklik. Ik doezel weer weg.

Wat is dat?

Opnieuw een snuivend geluid. Ik zit rechtop van schrik.
‘Wie is daar?’
Geen antwoord behalve het snuivende en snuffelende geluid. Ik zoek met mijn hand de aansteker weer op en schrik van een nat, warm iets dat tegen mijn hand gedrukt wordt. Verward en angstig begin ik om me heen te slaan.
Een piepend gejank klinkt uit de richting van de deur. Dan vind ik mijn aansteker weer en na een paar pogingen van mijn trillende vingers floept het vlammetje aan. Ik kijk recht in de angstige, bruine ogen van een jonge hond. Het arme dier was ook op zoek naar een warme, droge plaats om de nacht door te brengen.
Ik lok hem met zachte klakgeluidjes van mijn tong en hou de deken een stukje omhoog.
Het diertje kruipt tegen me aan, rolt zich op en valt in slaap.
Ik leg mijn arm om hem heen en sluimer ook weer weg.

De volgende ochtend.

Het ochtendzonnetje kietelt over mijn gezicht. Ik verschuif iets om de warmte van het zonnetje op te vangen. Het hondje kijkt me aan en ik ben verloren.
‘Kom lieverd, we gaan naar huis.’ Hij lijkt me te begrijpen, rekt zich uit en wacht tot ik de deken opgerold heb.
Samen gaan we naar de auto en enthousiast springt hij naast me op de stoel.
De dijk is weer open en rustig rijden we naar huis.

3
Word fan
Delen
Ongewenst

Laat een reactie achter

+0 -0- x

Marinus schreef op 07 Nov 2011 om 17:02

Jammer dat ik maar één duim kan geven. :)

+0 -0- x

trudybrinkman schreef op 07 Nov 2011 om 20:33

Ik ben blij met elke lezer Marinus. Met of zonder duim. Dank je wel.

+0 -0- x

Kirsti schreef op 07 Nov 2011 om 20:45

Wat een mooi verhaal Trudy!

+0 -0- x

robxead schreef op 07 Nov 2011 om 21:36

Mooi!

+0 -0- x

trudybrinkman schreef op 07 Nov 2011 om 21:47

En een klein beetje van mezelf en de rest puur duimzuigerij Kikafonie.

Dank je roboxead.

+0 -0- x

vlindertje73 schreef op 09 Nov 2011 om 16:45

Heel mooi verhaal dit! Mijn vlindervleugel hiervoor.

Reageren?

Registreer of log in om te reageren op een artikel.
Dit artikel bevat:
Toelichting: