Calais, Frankrijk (1347) wordt door het al acht maanden durende beleg door de Engelsen gedwongen zich over te geven. Doen ze het niet, dan zullen ze een vreselijke hongerdood sterven...
Dit is het vervolg van het verhaal 'De burgers van Calais'. Voor deel 1 van dit spannende, waargebeurde verhaal klikt u op de volgende link: http://www.xead.nl/de-burgers-van-calais.
Het laatste stukje van deel 1:
Op het plein...
De mensen op het plein schrikken op van het geluid van de opengaande deur. Een golf van spanning, opluchting, angst en hoop trekt door de menigte heen. Langzaam, tergend langzaam zien ze de deuren opengaan. Het lijkt uren te duren voordat ze de zes mannen naar buiten zien komen. Zes uitgeputte, maar vastberaden mannen. De inwoners komen wankelend overeind en gaan verwachtingsvol wat meer naar voren. Wat hebben ze besloten? Wat gaat er met de stad en de inwoners gebeuren?
Het duurt even voordat een van de mannen begint te spreken. 'Inwoners van Calais, de afgelopen acht maanden hebben we standgehouden tegen het engelse leger. We hebben ons verdedigd en ons met al onze krachten verweerd. En wij weten dat elk van jullie dat diep in jullie hart wil blijven doen. Geen van allen willen we ons overgeven aan onze vijand. Maar het eten is op. Er is geen voedsel meer te vinden in de hele stad. We hebben al meer dan een week niet gegeten en steeds meer van ons bezwijken door de honger. In de afgelopen uren hebben we een moeilijke beslissing genomen waarvan we hopen dat het de juiste is. Wij zien geen andere mogelijkheid.' Hij zweeg even, en wreef met een vermoeid gebaar in zijn ogen.
Het besluit.
Alle inwoners voelden de spanning en de angst die als een kille, koude wind door de stad wervelden. Het bleef even stil voordat de man verder sprak. ‘Wij, als vertegenwoordigers van deze stad hebben besloten dat we ons zullen overgeven in handen van de vijand. We kunnen onze vrouwen, kinderen en vrienden niet langer laten verhongeren, verzwakken en sterven. De afgelopen uren hebben we vergaderd en nagedacht over de risico’s, maar we zien geen andere mogelijkheid meer. Nu we het besluit genomen hebben zullen we het meteen uitvoeren. Alle zes zullen we gaan, lopend en in deze lompen gehuld, ongewapend en met een witte vlag als teken van overgave. We zullen koning Eduard III en zijn vrouw Catherina smeken om het behoud van deze stad en haar inwoners. Het is onze enige kans om aan de hongerdood te ontkomen.’ Terwijl hij sprak deden de andere vijf mannen hun best om vastberaden en sterk over te komen, maar iedereen zag én voelde hun angst. Iedereen wist dat de kans dat ze in leven gelaten werden erg klein was. Allemaal kenden ze de verhalen van andere steden die na de overwinning door de Engelsen allemaal geplunderd en vernield werden. De mannen deden een stap dichter naar hun vrouw toe, beschermend en waakzaam, bereid om haar tot het einde te verdedigen. De vrouwen trokken hun kinderen in hun armen en huilden. Met gebogen hoofden stonden de inwoners van de vroeger zo welvarende stad bijeen en zwegen. Wat konden ze zeggen? Wat konden ze doen? Hun leven stond op het spel…
De reactie.
Geschokt stond de vrouw, midden tussen de andere inwoners. Geschokt en bang. De angst golfde door haar hele lichaam, verlamde haar. Ze wilde roepen, schreeuwen dat dit niet kon, dat ze niet moesten gaan. Ze wist bijna zeker, iedereen wist bijna zeker, dat ze deze mannen nooit terug zouden zien. Dat de stad verwoest zou worden, en alle inwoners vermoord. Ze keek naar de zes mannen vooraan, nee ze keek naar één man vooraan: haar man. Hij mocht niet gaan en omdat ze niet in staat was te spreken wilde ze hem met haar ogen smeken om te blijven. Maar hij keek naar de grond. De zes mannen keken állemaal naar de grond. Ze voelden de pijn in de harten van hun vrouwen en kinderen, voelden hun ogen die om hun aandacht vroegen, maar ze konden het niet aan om op te kijken. Hun eigen angst en pijn was al bijna niet te dragen, hoe zouden zij stand houden onder het verdriet van hun geliefden? Ze bleven stug naar de grond kijken, hij bleef stug naar de grond kijken. En ze wist dat
ze hem niet mocht overreden, dat het goed was wat hij zou gaan doen, maar de angst dwong haar ertoe. Wanhopig probeerde ze te bewegen, te schreeuwen, hem te bereiken zodat ze hem ervan zou kunnen overtuigen dat hij moest blijven, dat ze niet zonder hem kon. En de kinderen, hoe moest het met de kinderen? Wie zou hen beschermen als de Engelsen de stad zouden binnenvallen? Zouden ze allemaal gedood worden? ‘Oh ga toch niet!’, schreeuwde ze hem toe, maar de woorden werden door niemand gehoord. Ze rende naar hem toe, pakte hem beet, smeekte hem, dwong hem om te blijven maar niemand merkte het. De onmacht tot spreken en bewegen werd haar teveel. Met een lage, jammerende kreun zakte ze ineen. Het werd zwart voor haar ogen, maar met een laatste krachtsinspanning keek ze naar haar man. Hij keek naar de grond, maar ze zag zijn schouders schokken, ze zag de tranen over zijn wangen rollen en ze zag hem moeite doen om overeind te blijven. Maar hij bleef staan bij de anderen. Toen ze besefte dat zijn tocht naar de vijand onvermijdelijk was gaf ze zich over aan de duisternis.
De mannen bleven staan ja, maar onder grote druk. Hun twijfels kwamen weer boven, hun vastberadenheid verzwakte en even gaven ze toe aan het idee om te blijven. Een moment voelden ze zich bevrijd van de gang naar de vijand en even leek het beter om toch niet te gaan. Maar dat gevoel bleef niet lang, ze wisten immers allemaal dat ze toch eenmaal het verzet moesten staken. Dat ze dit niet langer konden volhouden. Als één man kwamen ze in beweging, liepen ze de laatste treden af.
De uittocht.
Niemand sprak een woord toen ze over het plein liepen. De inwoners maakten zwijgend, snikkend en machteloos plaats. Een enkeling raakte de mannen kort aan, een klein gebaar van steun, dankbaarheid en medeleven, maar de meesten konden alleen maar naar ze staren terwijl de tranen over hun wangen rolden en hun hart werd verscheurd. Niemand wist of dit de juiste keuze was, en dat deed er eigenlijk ook niet veel toe, want het was de énige keuze. En terwijl ze het stadsplein overstaken sloten de inwoners zich bij de mannen aan. Zwijgend liepen ze, als in een optocht het plein over, de straten door, richting de poort. Halverwege stopte een van de inwoners de mannen een witte doek toe, in alle haast aan een stok gebonden: hun witte vlag, het teken van overgave. Een kleine glimlach en een dankbare knik werd hem toegeworpen, daarna werd de tocht in stilte vervolgd. Het was als een dodenmars, voor doden die nog moesten sterven…

De angst.
Hij was bang. Echt bang. Doodsbang. Hij voelde het angstzweet op zijn voorhoofd, zijn handen trilden en voeten waren zwaar. De straten en de mensen gingen als in een film aan hem voorbij. Hij keek om zich heen, in het besef dat het de laatste keer kon zijn, zijn laatste stappen in deze stad. Hij zag zijn vrouw, zijn dochtertje. Grote, donkere ogen in een klein, smal gezichtje. Ernstig keek ze hem
aan, zijn lieve meisje. Zes jaar oud was ze. ‘Zonnestraaltje’ noemde hij haar altijd, vanwege haar eeuwig lachende gezichtje. Maar nu, nu kon hij zich amper herinneren hoe haar glimlach er uitzag. Zijn zonnestraaltje lachte niet meer, maar keek uren voor zich uit. Peinzend, ernstig en verdrietig staarde ze dag aan dag in het niets. Haar kleren hingen als vodden om haar heen en haar donkere ogen lagen diep in haar smalle gezicht. Was dit zijn lieve, kleine meisje? Hij wendde zijn blik af, richtte zijn ogen weer op de grond. Op de kleine keien die hier al lagen voordat hij geboren werd. Waar hij als kind op gezeten had, overheen gerend had. Hier langs de bakker waar hij elke ochtend zijn brood vandaan had gehaald, maar waar de gordijnen nu al maanden dicht zaten, waar de geur van versgebakken brood plaatsgemaakt had voor de muffige geur van ongebruikte kamers. En daar rechts de slager waar hij als klein jongetje vaak heenging in de hoop een stukje worst te krijgen. Oh en daar de…
In het vuur van zijn herinneringen waren alle zorgen even vergeten, maar nu kwamen ze weer in alle hevigheid tevoorschijn bij het zien van de stadspoort. Een grote stevige poort in een grote sterke muur, waar de sporen van het strijden te zien waren. De poort die hun zou afsluiten van hun familie en vrienden. Die zou sluiten zodra zij erdoorheen gelopen waren. Die hun terugkeer onmogelijk zou maken. Bij de poort aangekomen stonden ze stil. Enkele mannen kwamen naar voren om de poort open te doen, maar wachtten even alsof ze aanvoelden dat de zes mannen even tijd nodig hadden. Indringend lieten ze hun blik over de stad gaan. Wat was de stad versleten, verouderd en vervallen in de laatste acht maanden. Wat was er veel gebeurd...
De tocht begint.
Langzaam draaiden alle burgers zich ook om en keken naar de stad alsof ook zij zo door de poort zouden trekken en het misschien de laatste keer was dat ze de stad zouden zien. Ze keken en luisterden en dachten aan gebeurtenissen uit het verleden. En gebeurtenissen in de toekomst. Een paar minuten stonden ze daar en lieten hun liefde voor de stad vrijuit stromen. Ze huilden en omarmden elkaar. De zes mannen stonden bij de poort en keken uit over de stad die ze zo goed kenden, waar ze zo van hielden en waar ze verantwoordelijk voor waren. De stad en de inwoners waarvoor ze hun leven in de waagschaal gingen stellen. Langzaam en onwillig keerden ze zich om en keken naar de poorten die nu door een aantal mannen voorzichtig werden geopend. De witte vlag vooruit gestoken stapten ze één voor één onder de poort door. En terwijl ze moed verzamelden om hun tocht naar de Engelsen te starten, hoorden ze het knarsende geluid van de dichtvallende stadspoort. Toen de laatste geluiden wegvielen, hoorden ze alleen een zacht gesnik vanachter de poorten komen. De poorten waren dicht, het was tijd om te gaan….
Wordt vervolgd!
Laat een reactie achter
Lid sinds 1 jaar
189 reacties geplaatst
107 artikelen beoordeeld
39 artikelen geschreven

Gerelateerde artikelen
TJvdK beveelt aan
- De uiterlijke kenmerken van een crimineel
- ....en mannen zijn beesten!
- ‘Datingsite Fleur Digitaal’ verwoestte mijn leven!
- Zomer: dé periode om te pronken met een mooi verzorgd decollecté
- Hotfix het mooiste om zelf je kleren te pimpen .
- Khanacademy - kosteloze en virtuele school
- Mooie dikke vrouwen, de mooiste dikke vrouwen









Yabba schreef op 05 Apr 2011 om 18:02
Mooi artikel.